BWBR0010153
Geldig vanaf 1999-01-01
Artikel 7
Uitvoeringsregeling Wob Financiën
1. Voor wat betreft de beslissing over verzoeken om informatie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van deze regeling, worden de directeuren en algemeen directeuren als gemachtigde ambtenaren aangewezen.
2. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn bevoegd ondermandaat te verlenen voor het nemen van de in het eerste lid bedoelde beslissingen.
3. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn gemachtigd tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken inzake verzoeken om informatie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van deze regeling.
4. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn bevoegd aan onder hen ressorterende ambtenaren ondermachtiging te verlenen tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken.
5. Indien na de in het derde lid bedoelde procedures hoger beroep wordt ingesteld, wordt het desbetreffende dossier ter verdere afdoening overgedragen aan het cluster Bedrijf.
2. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn bevoegd ondermandaat te verlenen voor het nemen van de in het eerste lid bedoelde beslissingen.
3. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn gemachtigd tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken inzake verzoeken om informatie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van deze regeling.
4. De in het eerste lid bedoelde directeuren en algemeen directeuren zijn bevoegd aan onder hen ressorterende ambtenaren ondermachtiging te verlenen tot de behandeling van procedures bij de rechtbanken.
5. Indien na de in het derde lid bedoelde procedures hoger beroep wordt ingesteld, wordt het desbetreffende dossier ter verdere afdoening overgedragen aan het cluster Bedrijf.