BWBR0010037
Geldig vanaf 1998-12-15
Artikel 2
Regeling tarieven universele dienstverlening
1. De in artikel 7, eerste lid, van het besluit bedoelde periodieke vergoeding voor het abonnement mag, inclusief de verschuldigde omzetbelasting, ten hoogste € 9,87 per maand bedragen.
2. De in artikel 7, eerste lid, van het besluit bedoelde verkeersafhankelijke vergoeding voor nationaal telefoonverkeer mag, inclusief de verschuldigde omzetbelasting,
a. binnen het basistariefgebied ten hoogste € 0,099 per minuut bedragen in de piekuren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek, en € 0,049 per minuut in de daluren met een starttarief van ten hoogste € 0,049 per gesprek;
b. buiten het basistariefgebied ten hoogste € 0,297 per minuut bedragen in de piekuren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek, en € 0,148 per minuut in de daluren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek.
2. De in artikel 7, eerste lid, van het besluit bedoelde verkeersafhankelijke vergoeding voor nationaal telefoonverkeer mag, inclusief de verschuldigde omzetbelasting,
a. binnen het basistariefgebied ten hoogste € 0,099 per minuut bedragen in de piekuren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek, en € 0,049 per minuut in de daluren met een starttarief van ten hoogste € 0,049 per gesprek;
b. buiten het basistariefgebied ten hoogste € 0,297 per minuut bedragen in de piekuren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek, en € 0,148 per minuut in de daluren met een starttarief van te hoogste € 0,049 per gesprek.