BWBR0009997
Geldig vanaf 2009-12-14
Artikel 20a
Frequentiebesluit
1. Degene die voornemens is frequentieruimte als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder c, van de wet, te gebruiken, doet hiervan melding aan Onze Minister.
2. Onze Minister registreert het in de melding bedoelde frequentiegebruik tenzij niet wordt voldaan aan bij ministeriële regeling te stellen regels.
3. De frequentieruimte, bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder c, van de wet, wordt slechts gebruikt indien het gebruik is geregistreerd overeenkomstig het tweede lid.
4. Met het oog op de identificatie van het radiozendapparaat kent Onze Minister in bij ministeriële regeling te bepalen gevallen aan degene die de melding heeft gedaan een combinatie van letters of cijfers toe.
5. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter zake van de melding, de registratie en de toekenning van de combinatie van letters of cijfers.
2. Onze Minister registreert het in de melding bedoelde frequentiegebruik tenzij niet wordt voldaan aan bij ministeriële regeling te stellen regels.
3. De frequentieruimte, bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder c, van de wet, wordt slechts gebruikt indien het gebruik is geregistreerd overeenkomstig het tweede lid.
4. Met het oog op de identificatie van het radiozendapparaat kent Onze Minister in bij ministeriële regeling te bepalen gevallen aan degene die de melding heeft gedaan een combinatie van letters of cijfers toe.
5. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ter zake van de melding, de registratie en de toekenning van de combinatie van letters of cijfers.