BWBR0009893
Geldig vanaf 1998-09-13
Artikel 2
Subsidieregeling energie-efficiency- en milieuadviezen Schoner Produceren
1. De minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een ondernemer, een stichting of een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, niet zijnde een ondernemer, een kerkgenootschap, een vereniging van eigenaren als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onder e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wet-boek, of een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, niet zijnde de staat, die in zijn opdracht van een extern adviseur een van de volgende adviezen krijgt:
a. een samenhangend energie-effi-ciency- en milieuadvies;
b. een energie-efficiencyadvies;
c. een milieuadvies.
2. Aan een ondernemer wordt slechts subsidie verstrekt indien hij een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen.
3. Een energie-efficiencyadvies betreft de mogelijkheden tot verbetering van de energie-efficiency in een door de subsidie-ontvanger beheerd bestaand object en omvat ten minste:
a. een overzicht van de bestaande situatie van de energiehuishouding van het object;
b. de mogelijkheden tot verbetering van de energie-efficiency in het gehele object;
c. een gespecificeerde opgave van het energiebesparingspotentieel dat bij uitvoering van het advies naar verwachting kan worden bereikt;
d. de als gevolg van de uitvoering van het advies noodzakelijke organisatorische en administratieve aanpassingen in de bedrijfsvoering;
e. een raming van het bedrag van de voor de uitvoering van het advies te maken investeringskosten en overige kosten en de te verwachten baten.
4. Een milieuadvies betreft de mogelijkheden tot vermindering van emissies, veroorzaakt door bestaande en toekomstige activiteiten in een door de subsidie-ontvanger beheerd bestaand object, en de mogelijkheden tot het ontwikkelen en aanpassen van producten die leiden tot een vermindering van de belasting van het milieu, en omvat ten minste:
a. een overzicht van grond- en hulpstoffen, producten en emissies, gebruikt in of voortgebracht in het object;
b. een gespecificeerde opgave van voor de subsidie-ontvanger nieuwe en economisch toepasbare technieken en methoden om de emissies te verminderen, alsmede van de omvang van de vermindering, en van voor de subsidie-ontvanger nieuwe en economisch toepasbare technieken en methoden om de milieubelasting van producten te verminderen;
c. de als gevolg van de uitvoering van het advies noodzakelijke organisatorische en administratieve aanpassingen in de bedrijfsvoering;
d. een raming van het bedrag van de voor de uitvoering van het advies te maken investeringskosten en overige kosten en de te verwachten baten.
5. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien de subsidie-ontvanger voor de indiening van de aanvraag ter zake van de activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft verplichtingen heeft aangegaan;
b. indien het object eigendom is van of in gebruik is bij de staat;
c. indien ter zake van de kosten reeds door een bestuursorgaan subsidie is verstrekt.
a. een samenhangend energie-effi-ciency- en milieuadvies;
b. een energie-efficiencyadvies;
c. een milieuadvies.
2. Aan een ondernemer wordt slechts subsidie verstrekt indien hij een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt in de zin van verordening (EG) nr. 70/2001van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 12 januari 2001 (PbEG L 70) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen.
3. Een energie-efficiencyadvies betreft de mogelijkheden tot verbetering van de energie-efficiency in een door de subsidie-ontvanger beheerd bestaand object en omvat ten minste:
a. een overzicht van de bestaande situatie van de energiehuishouding van het object;
b. de mogelijkheden tot verbetering van de energie-efficiency in het gehele object;
c. een gespecificeerde opgave van het energiebesparingspotentieel dat bij uitvoering van het advies naar verwachting kan worden bereikt;
d. de als gevolg van de uitvoering van het advies noodzakelijke organisatorische en administratieve aanpassingen in de bedrijfsvoering;
e. een raming van het bedrag van de voor de uitvoering van het advies te maken investeringskosten en overige kosten en de te verwachten baten.
4. Een milieuadvies betreft de mogelijkheden tot vermindering van emissies, veroorzaakt door bestaande en toekomstige activiteiten in een door de subsidie-ontvanger beheerd bestaand object, en de mogelijkheden tot het ontwikkelen en aanpassen van producten die leiden tot een vermindering van de belasting van het milieu, en omvat ten minste:
a. een overzicht van grond- en hulpstoffen, producten en emissies, gebruikt in of voortgebracht in het object;
b. een gespecificeerde opgave van voor de subsidie-ontvanger nieuwe en economisch toepasbare technieken en methoden om de emissies te verminderen, alsmede van de omvang van de vermindering, en van voor de subsidie-ontvanger nieuwe en economisch toepasbare technieken en methoden om de milieubelasting van producten te verminderen;
c. de als gevolg van de uitvoering van het advies noodzakelijke organisatorische en administratieve aanpassingen in de bedrijfsvoering;
d. een raming van het bedrag van de voor de uitvoering van het advies te maken investeringskosten en overige kosten en de te verwachten baten.
5. Geen subsidie wordt verstrekt:
a. indien de subsidie-ontvanger voor de indiening van de aanvraag ter zake van de activiteiten waarop de aanvraag betrekking heeft verplichtingen heeft aangegaan;
b. indien het object eigendom is van of in gebruik is bij de staat;
c. indien ter zake van de kosten reeds door een bestuursorgaan subsidie is verstrekt.