BWBR0009838
Geldig vanaf 1998-08-14
Artikel 3
Regeling invoercontrole citruspulp 1998
1. In afwijking van artikel 2, derde en vierde lid, van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders is het verboden citruspulppellets die in Nederland op het douanegebied van de Europese Unie zijn binnengebracht, in het vrije verkeer te brengen, te vervoeren naar een lidstaat van de Europese Unie, op te slaan in een douane-entrepot of vrij entrepot, actief te veredelen, te behandelen onder douanetoezicht of door te voeren naar een derde land zonder toestemming van de de Minister.
2. Het verbod bedoeld in het eerste lid geldt niet voor citruspulppellets die aantoonbaar van oorsprong zijn uit een ander land dan Brazilië.
3. De in het eerste lid bedoelde toestemming wordt uitsluitend gegeven:
a. ten aanzien van een partij citruspulppellets die ten behoeve van de controles, bedoeld in artikel 5 van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders, vergezeld gaat van: 1º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven certificaat waarin is verklaard dat de betrokken partij voldoet aan en is geproduceerd en behandeld overeenkomstig de ter zake geldende regelgeving van de Europese Gemeenschappen;
2º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven document waarin wordt verklaard dat uit analyse van de partij is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde, dan wel;
3º vervallen.
1º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven certificaat waarin is verklaard dat de betrokken partij voldoet aan en is geproduceerd en behandeld overeenkomstig de ter zake geldende regelgeving van de Europese Gemeenschappen;
2º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven document waarin wordt verklaard dat uit analyse van de partij is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde, dan wel;
3º vervallen.
b. indien de betreffende partij citruspulppellets niet vergezeld gaat van een of meer van de in onderdeel a bedoelde bescheiden, nadat uit analyse van monsters van de partij, welke monsters door de krachtens artikel 48a van de Landbouwwet aangewezen ambtenaar worden genomen op de in artikel 4, eerste lid, van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders aangewezen plaatsen, is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde.
4. De resultaten van de onderscheiden analyses, bedoeld in het derde lid, worden aangetekend op het document, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders.
2. Het verbod bedoeld in het eerste lid geldt niet voor citruspulppellets die aantoonbaar van oorsprong zijn uit een ander land dan Brazilië.
3. De in het eerste lid bedoelde toestemming wordt uitsluitend gegeven:
a. ten aanzien van een partij citruspulppellets die ten behoeve van de controles, bedoeld in artikel 5 van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders, vergezeld gaat van: 1º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven certificaat waarin is verklaard dat de betrokken partij voldoet aan en is geproduceerd en behandeld overeenkomstig de ter zake geldende regelgeving van de Europese Gemeenschappen;
2º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven document waarin wordt verklaard dat uit analyse van de partij is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde, dan wel;
3º vervallen.
1º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven certificaat waarin is verklaard dat de betrokken partij voldoet aan en is geproduceerd en behandeld overeenkomstig de ter zake geldende regelgeving van de Europese Gemeenschappen;
2º een door de Braziliaanse bevoegde autoriteiten afgegeven document waarin wordt verklaard dat uit analyse van de partij is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde, dan wel;
3º vervallen.
b. indien de betreffende partij citruspulppellets niet vergezeld gaat van een of meer van de in onderdeel a bedoelde bescheiden, nadat uit analyse van monsters van de partij, welke monsters door de krachtens artikel 48a van de Landbouwwet aangewezen ambtenaar worden genomen op de in artikel 4, eerste lid, van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders aangewezen plaatsen, is gebleken dat het gehalte dioxine in die partij niet hoger is dan de ingevolge richtlijn 74/63/EEG toegestane maximumwaarde.
4. De resultaten van de onderscheiden analyses, bedoeld in het derde lid, worden aangetekend op het document, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Regeling in- en uitvoercontroles diervoeders.