BWBR0009768
Geldig vanaf 2004-04-19
Artikel 11
Bekostigingsbesluit inburgering nieuwkomers
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 2, eerste lid, wordt de rijksbijdrage voor het jaar 2005 voor een gemeente berekend op de grondslag van:
a. het aantal door het college van burgemeester en wethouders ontvangen afschriften van verklaringen uitgereikt in 2005;
b. het aantal nieuwkomers ten aanzien van wie het college van burgemeester en wethouders in 2005 een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma heeft genomen, en
c. de door een gemeente opgebouwde reserve aan niet bestede rijksbijdragen per 31 december 2004.
2. De in het eerste lid bedoelde rijksbijdrage wordt berekend met de formule h = [ ( i × j ) + ( k × l ) ] – ½ m waarin wordt voorgesteld:
– met de letter h: de rijksbijdrage voor het jaar 2005 voor een gemeente;
– met de letter i: het aantal door het college van burgemeester en wethouders ontvangen afschriften van verklaringen die zijn uitgereikt in 2005;
– met de letter j: het bedrag dat met inachtneming van het bepaalde in artikel 2, tweede lid, beschikbaar is per verklaring;
– met de letter k: het aantal nieuwkomers ten aanzien van wie in 2005 het college van burgemeester en wethouders een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma heeft genomen;
– met de letter l: het bedrag dat met inachtneming van het bepaalde in artikel 2, tweede lid, beschikbaar is per beschikking omtrent een inburgeringsprogramma;
– met de letter m: de door een gemeente opgebouwde reserve aan niet bestede rijksbijdragen per 31 december 2004.
3. In de formule, bedoeld in het tweede lid, kunnen h en m niet kleiner zijn dan nul.
a. het aantal door het college van burgemeester en wethouders ontvangen afschriften van verklaringen uitgereikt in 2005;
b. het aantal nieuwkomers ten aanzien van wie het college van burgemeester en wethouders in 2005 een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma heeft genomen, en
c. de door een gemeente opgebouwde reserve aan niet bestede rijksbijdragen per 31 december 2004.
2. De in het eerste lid bedoelde rijksbijdrage wordt berekend met de formule h = [ ( i × j ) + ( k × l ) ] – ½ m waarin wordt voorgesteld:
– met de letter h: de rijksbijdrage voor het jaar 2005 voor een gemeente;
– met de letter i: het aantal door het college van burgemeester en wethouders ontvangen afschriften van verklaringen die zijn uitgereikt in 2005;
– met de letter j: het bedrag dat met inachtneming van het bepaalde in artikel 2, tweede lid, beschikbaar is per verklaring;
– met de letter k: het aantal nieuwkomers ten aanzien van wie in 2005 het college van burgemeester en wethouders een beschikking omtrent een inburgeringsprogramma heeft genomen;
– met de letter l: het bedrag dat met inachtneming van het bepaalde in artikel 2, tweede lid, beschikbaar is per beschikking omtrent een inburgeringsprogramma;
– met de letter m: de door een gemeente opgebouwde reserve aan niet bestede rijksbijdragen per 31 december 2004.
3. In de formule, bedoeld in het tweede lid, kunnen h en m niet kleiner zijn dan nul.