BWBR0009398
Geldig vanaf 2025-11-01
Artikel 44q
Penitentiaire maatregel
1. De directeur voert de evaluatie uit van het verloop van het verblijf in de inrichting. De directeur en het college van burgemeester en wethouders voeren de evaluatie uit van het verloop van het verblijf buiten de inrichting in de laatste fase.
2. In het evaluatieverslag wordt een visie op de persoon van betrokkene gegeven.
Daarbij wordt in ieder geval aandacht besteed aan de volgende aspecten ten aanzien van hem:
a. zijn lichamelijke en geestelijke gesteldheid en het herstel daarvan;
b. de ontwikkeling van zijn vaardigheden met het oog op zijn terugkeer in de maatschappij en de beëindiging van zijn recidive;
c. de ontwikkeling van zijn motivatie tot gedragsverandering;
d. zijn oordeel over het verblijf;
e. incidenten waarbij hij betrokken is geweest;
f. punten die van belang zijn voor de nazorg.
3. Het verslag komt tot stand in samenwerking met de trajectcoördinator, indien deze is aangewezen, en degenen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het programma.
2. In het evaluatieverslag wordt een visie op de persoon van betrokkene gegeven.
Daarbij wordt in ieder geval aandacht besteed aan de volgende aspecten ten aanzien van hem:
a. zijn lichamelijke en geestelijke gesteldheid en het herstel daarvan;
b. de ontwikkeling van zijn vaardigheden met het oog op zijn terugkeer in de maatschappij en de beëindiging van zijn recidive;
c. de ontwikkeling van zijn motivatie tot gedragsverandering;
d. zijn oordeel over het verblijf;
e. incidenten waarbij hij betrokken is geweest;
f. punten die van belang zijn voor de nazorg.
3. Het verslag komt tot stand in samenwerking met de trajectcoördinator, indien deze is aangewezen, en degenen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het programma.