BWBR0009335
Geldig vanaf 1998-01-22
Artikel 8
Uitvoeringsregeling EG-rooisubsidie 1998
1. Als periode voor het indienen van een aanvraag tot subsidieverlening wordt vastgesteld de periode die loopt van 26 januari 1998 tot en met 13 februari 1998.
2. Door het indienen van het formulier bedoeld in artikel 7, eerste lid, verplicht de aanvrager zich tot nakoming van de daarin gestelde voorwaarden en verplichtingen.
3. De aanvraag tot subsidieverlening bevat ten minste de volgende gegevens:
de gegevens bedoeld in artikel 3 van verordening 2467/97;
een door LASER voorgeschreven topografische kaart met een schaal van 1:10.000 waarop alle tot het bedrijf behorende percelen staan aangegeven;
de schriftelijke verklaring respectievelijk verbintenis van de producent of exploitant bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder a, van verordening 2467/97 en artikel 3, eerste lid, van deze regeling;
in voorkomend geval, de ondertekende verklaring van de eigenaar van de tot het bedrijf behorende percelen waaruit blijkt dat deze toestemming verleent tot het uitvoeren van de rooiwerkzaamheden en dat deze, wanneer de beschikking tot subsidievaststelling wordt gegeven, de verplichting bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder b, van verordening 2467/97 op zich neemt.
2. Door het indienen van het formulier bedoeld in artikel 7, eerste lid, verplicht de aanvrager zich tot nakoming van de daarin gestelde voorwaarden en verplichtingen.
3. De aanvraag tot subsidieverlening bevat ten minste de volgende gegevens:
de gegevens bedoeld in artikel 3 van verordening 2467/97;
een door LASER voorgeschreven topografische kaart met een schaal van 1:10.000 waarop alle tot het bedrijf behorende percelen staan aangegeven;
de schriftelijke verklaring respectievelijk verbintenis van de producent of exploitant bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder a, van verordening 2467/97 en artikel 3, eerste lid, van deze regeling;
in voorkomend geval, de ondertekende verklaring van de eigenaar van de tot het bedrijf behorende percelen waaruit blijkt dat deze toestemming verleent tot het uitvoeren van de rooiwerkzaamheden en dat deze, wanneer de beschikking tot subsidievaststelling wordt gegeven, de verplichting bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder b, van verordening 2467/97 op zich neemt.