BWBR0009255
Geldig vanaf 2002-01-01
Artikel 22
Kostuum- en titulatuurbesluit rechterlijke organisatie
1. De rok, gedragen door de rechterlijke ambtenaren met rechtspraak belast, werkzaam bij de Hoge Raad, de procureur-generaal, de plaatsvervangend procureur-generaal, de advocaten-generaal en de advocaten-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, zomede de griffier van de Hoge Raad is in goud geborduurd met eiken- en oranjetakken op de kraag, op de zakkleppen, op het rugstuk tussen deze kleppen en op de omslagen der mouwen, het borduursel ter breedte van 6 cm, de knopen verguld.
2. De broek, gedragen door de in het eerste lid genoemde rechterlijke ambtenaren, is voorzien van goudgalon.
3. De steek, gedragen door de in het eerste lid genoemde rechterlijke ambtenaren, heeft een lis van goud.
2. De broek, gedragen door de in het eerste lid genoemde rechterlijke ambtenaren, is voorzien van goudgalon.
3. De steek, gedragen door de in het eerste lid genoemde rechterlijke ambtenaren, heeft een lis van goud.