BWBR0009231
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 3
Regeling meet- en rekenregels verdeelmaatstaven en vaststelling kilometers gewogen weglengte provinciefonds
1. Het Centraal bureau motorrijtuigenbelasting doet vóór 1 april van elk jaar een definitieve opgave aan de Minister van Binnenlandse Zaken van de bruto opbrengst per afzonderlijke provincie van de ontvangen provinciale opcenten op de hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting over het voorafgaande jaar.
2. De opbrengst bedoeld in het eerste lid, wordt gewogen met het aantal opcenten dat in het betreffende jaar door de provincie is geheven in de periode tot 1 april en de periode vanaf 1 april in de verhouding 3 : 9.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid vindt de weging van de opbrengst over het jaar 1996 plaats in de verhouding 4 : 8.
2. De opbrengst bedoeld in het eerste lid, wordt gewogen met het aantal opcenten dat in het betreffende jaar door de provincie is geheven in de periode tot 1 april en de periode vanaf 1 april in de verhouding 3 : 9.
3. In afwijking van het bepaalde in het tweede lid vindt de weging van de opbrengst over het jaar 1996 plaats in de verhouding 4 : 8.