BWBR0009219
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel XV
Wijzigingswet enkele belastingwetten c.a. 1998 (fiscale milieuversterking)
1. Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 1998, met uitzondering van:
a. onderdeel B van artikel IV dat in werking treedt met ingang van 1 mei 1998, en
b. de in artikel VI, onderdeel A, opgenomen derde volzin in het tweede lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag alsmede het in dit onderdeel opgenomen derde lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag, de onderdelen A.7 en A.8 van artikel VI, het in artikel VI, onderdeel D, opgenomen zesde lid van artikel 27 van de Wet belastingen op milieugrondslag, en de onderdelen F, H en I van artikel VI, die in werking treden op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip, met dien verstande dat in dat koninklijk besluit bepaald wordt dat het in artikel VI, onderdeel D, opgenomen zesde lid van artikel 27 terugwerkt tot en met 1 juli 1994 en voorts dat, indien het Staatsblad waarin dat besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 1998, in dat besluit wordt bepaald dat het in artikel VI, onderdeel A, opgenomen derde lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag, de onderdelen A.7 en A.8 van artikel VI, en de onderdelen F en H van artikel VI, terugwerken tot en met 1 januari 1998 .
2. De artikelen Ien IIvinden toepassing nadat artikel 66b van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 bij het begin van het kalenderjaar 1998 is toegepast.
3. Artikel III, onderdeel A, vindt voor het eerst toepassing met betrekking tot de heffing van de vennootschapsbelasting over het boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 1998.
a. onderdeel B van artikel IV dat in werking treedt met ingang van 1 mei 1998, en
b. de in artikel VI, onderdeel A, opgenomen derde volzin in het tweede lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag alsmede het in dit onderdeel opgenomen derde lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag, de onderdelen A.7 en A.8 van artikel VI, het in artikel VI, onderdeel D, opgenomen zesde lid van artikel 27 van de Wet belastingen op milieugrondslag, en de onderdelen F, H en I van artikel VI, die in werking treden op een bij koninklijk besluit vast te stellen tijdstip, met dien verstande dat in dat koninklijk besluit bepaald wordt dat het in artikel VI, onderdeel D, opgenomen zesde lid van artikel 27 terugwerkt tot en met 1 juli 1994 en voorts dat, indien het Staatsblad waarin dat besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 1998, in dat besluit wordt bepaald dat het in artikel VI, onderdeel A, opgenomen derde lid van artikel 18 van de Wet belastingen op milieugrondslag, de onderdelen A.7 en A.8 van artikel VI, en de onderdelen F en H van artikel VI, terugwerken tot en met 1 januari 1998 .
2. De artikelen Ien IIvinden toepassing nadat artikel 66b van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 bij het begin van het kalenderjaar 1998 is toegepast.
3. Artikel III, onderdeel A, vindt voor het eerst toepassing met betrekking tot de heffing van de vennootschapsbelasting over het boekjaar dat aanvangt op of na 1 januari 1998.