BWBR0009200
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 6
Inkomensbesluit Waz
1. Indien de persoon die recht heeft op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet voorafgaande aan zijn werkzaamheden als verzekerde arbeid heeft verricht in dienstbetrekking en als gevolg daarvan slechts een gedeelte van het boekjaar of kalenderjaar onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid als verzekerde werkzaam is geweest worden de winst en de inkomsten die hij als verzekerde heeft verworven in het boekjaar of kalenderjaar onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn arbeidsongeschiktheid, berekend volgens de volgende formule:
[ (WWI / AW) / 5 ] x 261; waarbij:
WWI is het totaal aan werkelijk door de persoon als verzekerde behaalde winst en inkomsten in het desbetreffende boekjaar of kalenderjaar, en
AW is het aantal weken waarin de persoon als verzekerde arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven heeft verricht gericht op het verwerven van winst of inkomsten in het desbetreffende boekjaar of kalenderjaar.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon in de vier boekjaren of kalenderjaren voorafgaand aan het in het eerste lid bedoelde boekjaar of kalenderjaar gemiddeld per boekjaar of kalenderjaar als verzekerde een gelijk of hoger bedrag aan winst of inkomsten heeft verworven dan de werkelijk door de persoon als verzekerde behaalde winst en inkomsten in het in het eerste lid bedoelde boekjaar of kalenderjaar.
[ (WWI / AW) / 5 ] x 261; waarbij:
WWI is het totaal aan werkelijk door de persoon als verzekerde behaalde winst en inkomsten in het desbetreffende boekjaar of kalenderjaar, en
AW is het aantal weken waarin de persoon als verzekerde arbeid in het bedrijfs- of beroepsleven heeft verricht gericht op het verwerven van winst of inkomsten in het desbetreffende boekjaar of kalenderjaar.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien een persoon in de vier boekjaren of kalenderjaren voorafgaand aan het in het eerste lid bedoelde boekjaar of kalenderjaar gemiddeld per boekjaar of kalenderjaar als verzekerde een gelijk of hoger bedrag aan winst of inkomsten heeft verworven dan de werkelijk door de persoon als verzekerde behaalde winst en inkomsten in het in het eerste lid bedoelde boekjaar of kalenderjaar.