BWBR0009185
Geldig vanaf 1997-12-31
Artikel 2
Anticumulatieregeling RPU Politie
1. Inkomsten die de ambtenaar geniet of gaat genieten uit of in verband met arbeid of bedrijf en aangevangen met ingang van of na de dag waarop de arbeidstijd is teruggebracht, worden in mindering gebracht op het RPU-salaris, tenzij de ambtenaar aannemelijk maakt dat die inkomsten, dan wel een gedeelte daarvan geen verband houden met verhoogde werkzaamheid.
2. Inkomsten uit arbeid of bedrijf als bedoeld in het eerste lid die geacht worden op één maand betrekking te hebben of geacht kunnen worden te hebben, worden in mindering gebracht op het RPU-salaris over die maand. De vermindering bedraagt niet meer dan het verschil tussen het RPU-salaris en het deeltijdsalaris.
3. Inkomsten uit arbeid of bedrijf waarvoor reeds in verband met verleend buitengewoon verlof een inhouding plaatsvindt op de bezoldiging van de ambtenaar of een verlaging van de bezoldiging van de ambtenaar geldt zijn, tot het bedrag van die inhouding of verlaging, geen inkomsten uit arbeid of bedrijf als bedoeld in het eerste en tweede lid.
2. Inkomsten uit arbeid of bedrijf als bedoeld in het eerste lid die geacht worden op één maand betrekking te hebben of geacht kunnen worden te hebben, worden in mindering gebracht op het RPU-salaris over die maand. De vermindering bedraagt niet meer dan het verschil tussen het RPU-salaris en het deeltijdsalaris.
3. Inkomsten uit arbeid of bedrijf waarvoor reeds in verband met verleend buitengewoon verlof een inhouding plaatsvindt op de bezoldiging van de ambtenaar of een verlaging van de bezoldiging van de ambtenaar geldt zijn, tot het bedrag van die inhouding of verlaging, geen inkomsten uit arbeid of bedrijf als bedoeld in het eerste en tweede lid.