BWBR0009114
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 3
Subsidieregeling actieve zon-thermische systemen 1998
1. Hoeveel energie een voorziening jaarlijks kan opbrengen dient te blijken uit een onderzoek van de voorziening of van het type waartoe de voorziening behoort, uit te voeren door een instelling die voldoet aan de criteria van de Europese norm EN 45001. De energetische opbrengst wordt daarbij bepaald overeenkomstig de op de voorziening toepasselijke procedure, beschreven in het door de Nederlandse Organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek opgestelde rapport ’Description of the Dutch outdoor (DST) test method for solar domestic hot water systems’ (93-BBI-R1456/1) of in het door die organisatie opgestelde rapport ’Procedure ter bepaling van de opbrengsttabel van zonnecollectoren’ (93-BBI-R0736).
2. Indien het onderzoek wordt uitgevoerd door een instelling in een lidstaat van de Europese Unie, kan de energetische opbrengst tevens worden bepaald overeenkomstig een andere procedure, mits die procedure gelijkwaardige meetresultaten oplevert en de opbrengst wordt berekend voor de Nederlandse omstandigheden, beschreven in boven vermelde rapporten.
3. Een wijziging van de in het eerste lid bedoelde Europese norm 45001 wordt in de Staatscourant bekendgemaakt door kennisgeving van het referentienummer waaronder de wijziging verkrijgbaar is bij het Gemeenschappelijk Europees Normalisatie-instituut te Brussel. Bij de kennisgeving geeft de minister aan vanaf welk tijdstip de wijziging voor de toepassing van deze regeling in werking treedt.
2. Indien het onderzoek wordt uitgevoerd door een instelling in een lidstaat van de Europese Unie, kan de energetische opbrengst tevens worden bepaald overeenkomstig een andere procedure, mits die procedure gelijkwaardige meetresultaten oplevert en de opbrengst wordt berekend voor de Nederlandse omstandigheden, beschreven in boven vermelde rapporten.
3. Een wijziging van de in het eerste lid bedoelde Europese norm 45001 wordt in de Staatscourant bekendgemaakt door kennisgeving van het referentienummer waaronder de wijziging verkrijgbaar is bij het Gemeenschappelijk Europees Normalisatie-instituut te Brussel. Bij de kennisgeving geeft de minister aan vanaf welk tijdstip de wijziging voor de toepassing van deze regeling in werking treedt.