1. Het is degenen, die in de uitoefening van een bedrijf elektrische energie bij een spanning, niet groter dan 600 V, aan verbruikers daarvan verstrekken, verboden op plaatsen, gebruikt of mede gebruikt tot dat verstrekken, te bezitten:
a. andere dan met de wet of de ter uitvoering daarvan genomen koninklijke besluiten overeenkomstige inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters;
b. aan keuring of herkeuring onderworpen inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, welke van een afkeuringsmerk of welke niet van de vereiste ijkmerken zijn voorzien.
2. Het is degenen, die in de uitoefening van een bedrijf elektrische energie bij een spanning, niet groter dan 600 V, aan verbruikers daarvan verstrekken, verboden op plaatsen, gebruikt of mede gebruikt tot dat verstrekken, ter bepaling van hoeveelheden energie bij vorenbedoelde spanning gebruik te maken van:
a. andere voorwerpen dan: 1°. met de wet of de ter uitvoering daarvan genomen koninklijke besluiten overeenkomstige inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, of
2°. kilowattuurmeters, waarvan de werking berust op het beginsel van inductie, voor zover het betreft overschrijdingsmeters, meters met maximumaanwijzing of meters, ingericht om te worden aangesloten op meettransformatoren, of
3°. kilowattuurmeters, die hoofdzakelijk zijn opgebouwd uit elektronische componenten, voor zover het betreft meters, die blijkens een daarop aangebrachte aanduiding uitsluitend bestemd zijn om te worden aangesloten op meettransformatoren;
1°. met de wet of de ter uitvoering daarvan genomen koninklijke besluiten overeenkomstige inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, of
2°. kilowattuurmeters, waarvan de werking berust op het beginsel van inductie, voor zover het betreft overschrijdingsmeters, meters met maximumaanwijzing of meters, ingericht om te worden aangesloten op meettransformatoren, of
3°. kilowattuurmeters, die hoofdzakelijk zijn opgebouwd uit elektronische componenten, voor zover het betreft meters, die blijkens een daarop aangebrachte aanduiding uitsluitend bestemd zijn om te worden aangesloten op meettransformatoren;
b. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters in strijd met de voorschriften, gegeven krachtens het bepaalde in het zesde lid van artikel 6 van de wet;
c. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters ten aanzien waarvan de daarvoor ingevolge de wet of de ter uitvoering daarvan genomen koninklijke besluiten voorgeschreven keuring of herkeuring niet heeft plaatsgehad;
d. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, welke van een afkeuringsmerk zijn voorzien of welke niet van de vereiste ijkmerken zijn voorzien;
e. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters in strijd met het bepaalde in artikel 11, vierde lid, onder b, of artikel 16, tweede lid, van de wet;
f. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, die bij een onderzoek door toezichthouders ingevolge artikel 5:18 van de Algemene wet bestuursrecht niet aan de daarvoor bij of krachtens artikel 6 van de wet gegeven voorschriften blijken te voldoen doch niet van een afkeuringsmerk als in artikel 29c van de wet bedoeld zijn voorzien, voor zover die kilowattuurmeters nadien niet alsnog zijn goedgekeurd;
g. inductiekilowattuurmeters of statische kilowattuurmeters, die bij de herkeuring niet zijn goedgekeurd en daarbij ingevolge het krachtens artikel 14, vierde lid, van de wet bepaalde niet van een afkeuringsmerk zijn voorzien, voor zover die kilowattuurmeters nadien niet alsnog zijn goedgekeurd.
3. Als meetinstrumenten, ten aanzien waarvan artikel 19 van de wet geldt, worden aangewezen de inductiekilowattuurmeters en de statische kilowattuurmeters.