BWBR0009025
Geldig vanaf 1997-12-01
Artikel 19
Besluit opleidingseisen en deskundigheidsgebied verloskundige
1. Tot het gebied van deskundigheid van de verloskundige wordt gerekend het verrichten van handelingen op het gebied van de verloskunst en andere handelingen, gericht op het bevorderen en bewaken van het natuurlijke verloop van de zwangerschap, de bevalling en de kraambedperiode, alsmede op het voorkomen van afwijkingen bij de vrouw of het kind, door het inschatten van het verloskundige risico bij een vrouw gedurende haar zwangerschap, bevalling en kraambedperiode, het vertalen van het verloskundige risico in verloskundig beleid en het op basis daarvan verlenen van raad en bijstand, alsmede het waar nodig consulteren van dan wel verwijzen naar een arts.
2. Tot de handelingen op het gebied van de verloskunst, bedoeld in het eerste lid, behoren het:
a. medisch begeleiden van de zwangerschap en de bevalling, van de geboorte van de placenta, van de eerste ontwikkelingen van het kind en van het herstel van de vrouw gedurende de kraambedperiode;
b. verrichten van vaginaal onderzoek zonder apparatuur dan wel met behulp van door Onze Minister aan te wijzen apparatuur;
c. opheffen van liggingsafwijkingen door uitwendige handgrepen;
d. verrichten van amniotomie tijdens de bevalling.
3. Tot de andere handelingen, bedoeld in het eerste lid, behoren het:
a. psychologisch begeleiden van de vrouw gedurende haar zwangerschap, bevalling en kraambedperiode;
b. aan de vrouw of het kind voorschrijven dan wel voorschrijven en oraal of door middel van een intramusculaire injectie toedienen van door Onze Minister aangewezen geneesmiddelen;
c. verrichten van episiotomieën of het hechten van laesie van perineum of labium, al dan niet gepaard gaand met het toepassen van lokale anesthesie door middel van een injectie, met door Onze Minister aangewezen middelen;
d. ten behoeve van onderzoek bij de vrouw afnemen van bloed al dan niet door middel van een punctie;
e. ten behoeve van onderzoek bij de vrouw afnemen van materiaal van de baarmoedermond voor het maken van een cytologisch preparaat;
f. ten behoeve van onderzoek bij het kind afnemen van bloed door middel van een punctie in de hiel;
g. bij de vrouw afnemen van urine door middel van catheterisatie;
h. verrichten of laten verrichten van laboratoriumonderzoek;
i. adviseren van de vrouw over haar levenswijze gedurende de zwangerschap;
j. geven van voedingsadviezen aan de vrouw of ten behoeve van het kind, waaronder het adviseren over borstvoeding;
k. geven van voorlichting aan de vrouw en, in voorkomende gevallen, haar partner, over en het stellen van de indicatie voor prenatale diagnostiek;
l. adviseren van de vrouw en, in voorkomende gevallen, haar partner, met betrekking tot anticonceptie en gezinsplanning;
m. reanimatie van de pasgeborene;
n. optreden bij acute shock of fluxus postpartum, waaronder wordt begrepen het intraveneus inbrengen van een infuus en het door middel van een infuus danwel door middel van een intraveneuze injectie toedienen van door Onze Minister aangewezen geneesmiddelen.
2. Tot de handelingen op het gebied van de verloskunst, bedoeld in het eerste lid, behoren het:
a. medisch begeleiden van de zwangerschap en de bevalling, van de geboorte van de placenta, van de eerste ontwikkelingen van het kind en van het herstel van de vrouw gedurende de kraambedperiode;
b. verrichten van vaginaal onderzoek zonder apparatuur dan wel met behulp van door Onze Minister aan te wijzen apparatuur;
c. opheffen van liggingsafwijkingen door uitwendige handgrepen;
d. verrichten van amniotomie tijdens de bevalling.
3. Tot de andere handelingen, bedoeld in het eerste lid, behoren het:
a. psychologisch begeleiden van de vrouw gedurende haar zwangerschap, bevalling en kraambedperiode;
b. aan de vrouw of het kind voorschrijven dan wel voorschrijven en oraal of door middel van een intramusculaire injectie toedienen van door Onze Minister aangewezen geneesmiddelen;
c. verrichten van episiotomieën of het hechten van laesie van perineum of labium, al dan niet gepaard gaand met het toepassen van lokale anesthesie door middel van een injectie, met door Onze Minister aangewezen middelen;
d. ten behoeve van onderzoek bij de vrouw afnemen van bloed al dan niet door middel van een punctie;
e. ten behoeve van onderzoek bij de vrouw afnemen van materiaal van de baarmoedermond voor het maken van een cytologisch preparaat;
f. ten behoeve van onderzoek bij het kind afnemen van bloed door middel van een punctie in de hiel;
g. bij de vrouw afnemen van urine door middel van catheterisatie;
h. verrichten of laten verrichten van laboratoriumonderzoek;
i. adviseren van de vrouw over haar levenswijze gedurende de zwangerschap;
j. geven van voedingsadviezen aan de vrouw of ten behoeve van het kind, waaronder het adviseren over borstvoeding;
k. geven van voorlichting aan de vrouw en, in voorkomende gevallen, haar partner, over en het stellen van de indicatie voor prenatale diagnostiek;
l. adviseren van de vrouw en, in voorkomende gevallen, haar partner, met betrekking tot anticonceptie en gezinsplanning;
m. reanimatie van de pasgeborene;
n. optreden bij acute shock of fluxus postpartum, waaronder wordt begrepen het intraveneus inbrengen van een infuus en het door middel van een infuus danwel door middel van een intraveneuze injectie toedienen van door Onze Minister aangewezen geneesmiddelen.