BWBR0008980
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 8
Besluit voorraden Meststoffenwet
1. Indien artikel 2in enig kalenderjaar ten aanzien van een mestaanvoerend bedrijf wordt toegepast terwijl de eindvoorraad groter is dan de beginvoorraad, wordt artikel 2ook de daarop volgende kalenderjaren ten aanzien van dat bedrijf toegepast, zolang de eindvoorraad groter is dan de beginvoorraad in het eerste jaar van deze reeks van jaren.
2. Een aangemelde opslag van een bedrijf waarop het eerste lid van toepassing is, kan door de heffingplichtige met ingang van een kalenderjaar worden afgemeld indien de in die opslag aanwezige hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in dierlijke meststoffen aan het einde van het voorafgaande kalenderjaar niet meer bedraagt dan de in die opslag aanwezige hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in dierlijke meststoffen bij aanvang van het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid, danwel, indien de aanmelding van de opslag met ingang van een later jaar dan het hier bedoelde eerste jaar heeft plaatsgevonden, bij aanvang van dit latere jaar. Artikel 2is vanaf het kalenderjaar met ingang waarvan de afmelding plaatsvindt, niet langer van toepassing op de voorraden in afgemelde opslagen.
3. Indien ten aanzien van een bedrijf in het jaar volgend op een jaar waarin artikel 2ingevolge het eerste lid wordt toegepast, de forfaitaire mineralenheffingen, bedoeld in artikel 14 van de wet, worden geheven, wordt de belastbare hoeveelheid meststoffen, bedoeld in artikel 16 van de wet, vermeerderd met de eindvoorraad die in het voorafgaande jaar op de belastbare hoeveelheid mineralen, bedoeld in artikel 24 van de wet, in mindering is gebracht, en verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.
4. Indien van een bedrijf in het jaar volgend op een jaar waarin artikel 2ingevolge het eerste lid wordt toegepast, de gemiddelde veebezetting groter is dan drie grootvee-eenheden, wordt de belastbare hoeveelheid meststoffen, bedoeld in artikel 16 van de wet, vermeerderd met de eindvoorraad die in het voorafgaande jaar op de belastbare hoeveelheid mineralen, bedoeld in artikel 24 van de wet, in mindering is gebracht, en verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.
5. Indien een bedrijf waarop het eerste lid van toepassing is, op enig tijdstip ophoudt als zodanig te bestaan of vanaf enig tijdstip door een ander wordt gevoerd, wordt de belastbare hoeveelheid mineralen verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.
2. Een aangemelde opslag van een bedrijf waarop het eerste lid van toepassing is, kan door de heffingplichtige met ingang van een kalenderjaar worden afgemeld indien de in die opslag aanwezige hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in dierlijke meststoffen aan het einde van het voorafgaande kalenderjaar niet meer bedraagt dan de in die opslag aanwezige hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof in dierlijke meststoffen bij aanvang van het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid, danwel, indien de aanmelding van de opslag met ingang van een later jaar dan het hier bedoelde eerste jaar heeft plaatsgevonden, bij aanvang van dit latere jaar. Artikel 2is vanaf het kalenderjaar met ingang waarvan de afmelding plaatsvindt, niet langer van toepassing op de voorraden in afgemelde opslagen.
3. Indien ten aanzien van een bedrijf in het jaar volgend op een jaar waarin artikel 2ingevolge het eerste lid wordt toegepast, de forfaitaire mineralenheffingen, bedoeld in artikel 14 van de wet, worden geheven, wordt de belastbare hoeveelheid meststoffen, bedoeld in artikel 16 van de wet, vermeerderd met de eindvoorraad die in het voorafgaande jaar op de belastbare hoeveelheid mineralen, bedoeld in artikel 24 van de wet, in mindering is gebracht, en verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.
4. Indien van een bedrijf in het jaar volgend op een jaar waarin artikel 2ingevolge het eerste lid wordt toegepast, de gemiddelde veebezetting groter is dan drie grootvee-eenheden, wordt de belastbare hoeveelheid meststoffen, bedoeld in artikel 16 van de wet, vermeerderd met de eindvoorraad die in het voorafgaande jaar op de belastbare hoeveelheid mineralen, bedoeld in artikel 24 van de wet, in mindering is gebracht, en verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.
5. Indien een bedrijf waarop het eerste lid van toepassing is, op enig tijdstip ophoudt als zodanig te bestaan of vanaf enig tijdstip door een ander wordt gevoerd, wordt de belastbare hoeveelheid mineralen verminderd met de beginvoorraad in het eerste jaar van de reeks van jaren, bedoeld in het eerste lid.