BWBR0008713
Geldig vanaf 1997-06-20
Artikel 2
Beleidsregel verlichting bemanningsverblijven
1. De verlichtingssterkte van de algemene verlichting, bedoeld in artikel 1, onderdelen a en b, wordt gemeten op een hoogte van 1 meter boven de vloer, op de verticale lijn door de navolgende punten:
a. op de helft van alle afstanden tussen opeenvolgende lichtpunten in een bepaalde ruimte;
b. op de helft van de afstand tussen elk lichtpunt en de dichtstbijzijnde wand waarvoor dat lichtpunt het dichtstbijzijnde lichtpunt is, en
c. op de helft van alle afstanden tussen de afgeschermde gedeelten van een bepaalde ruimte en de wanden waarvan door weerkaatsing van licht indirecte verlichting van de desbetreffende gedeelten wordt verkregen.
2. De verlichtingssterkte van bedleeslampen, bureaulampen en van bijzondere verlichting als bedoeld in artikel 1, onderdelen c en d, wordt gemeten op het te verlichten vlak.
a. op de helft van alle afstanden tussen opeenvolgende lichtpunten in een bepaalde ruimte;
b. op de helft van de afstand tussen elk lichtpunt en de dichtstbijzijnde wand waarvoor dat lichtpunt het dichtstbijzijnde lichtpunt is, en
c. op de helft van alle afstanden tussen de afgeschermde gedeelten van een bepaalde ruimte en de wanden waarvan door weerkaatsing van licht indirecte verlichting van de desbetreffende gedeelten wordt verkregen.
2. De verlichtingssterkte van bedleeslampen, bureaulampen en van bijzondere verlichting als bedoeld in artikel 1, onderdelen c en d, wordt gemeten op het te verlichten vlak.