BWBR0008686
Geldig vanaf 1997-09-01
Artikel 5
Besluit doden van dieren
Een dier wordt gedood door toepassing van een:
a. dodingsmethode die onmiddellijk na aanvang van de dodingshandeling leidt tot de dood van het dier,
b. dodingsmethode die zonder onaanvaardbare opwinding of pijn leidt tot bewusteloosheid, gevolgd door de dood vóórdat de bewusteloosheid is geweken, of
c. bedwelmingsmethode die zonder onaanvaardbare opwinding of pijn leidt tot bewusteloosheid, gevolgd door een dodingshandeling die leidt tot de dood vóórdat de bewusteloosheid is geweken.
a. dodingsmethode die onmiddellijk na aanvang van de dodingshandeling leidt tot de dood van het dier,
b. dodingsmethode die zonder onaanvaardbare opwinding of pijn leidt tot bewusteloosheid, gevolgd door de dood vóórdat de bewusteloosheid is geweken, of
c. bedwelmingsmethode die zonder onaanvaardbare opwinding of pijn leidt tot bewusteloosheid, gevolgd door een dodingshandeling die leidt tot de dood vóórdat de bewusteloosheid is geweken.