BWBR0008406
Geldig vanaf 1998-12-05
Artikel 9
Voorzieningenregeling voor militaire oorlogs- en dienstslachtoffers
Onder leefvoorzieningen die betrekking hebben op de kosten verbonden aan op zich normale huishoudelijke uitgaven worden verstaan:
a. de financiële vergoeding van de kosten van: 1. de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp voor zover deze hulp door een instelling voor gezinsverzorging kan worden verleend;
2. de factuur in verband met de indicatiestelling van de onder 1, bedoelde instelling;
3. de extra huurkosten van een woning indien betrokkene voor het eerst zelfstandig gaat wonen en deze kosten een bedrag van 12% van het bruto jaarinkomen overschrijden. Voor verlenging van de voorziening kan betrokkene jaarlijks een verzoek hiertoe indienen.
1. de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp voor zover deze hulp door een instelling voor gezinsverzorging kan worden verleend;
2. de factuur in verband met de indicatiestelling van de onder 1, bedoelde instelling;
3. de extra huurkosten van een woning indien betrokkene voor het eerst zelfstandig gaat wonen en deze kosten een bedrag van 12% van het bruto jaarinkomen overschrijden. Voor verlenging van de voorziening kan betrokkene jaarlijks een verzoek hiertoe indienen.
b. de financiële tegemoetkoming in de kosten van: 1. het zelf inhuren van huishoudelijke hulp volgens een jaarlijks vast te stellen uurloon indien de in onderdeel a, onder 1, bedoelde instelling deze hulp niet kan leveren;
2. de extra slijtage van de kleding, schoeisel en het beddengoed;
3. de vervanging van een garderobe in verband met de invaliditeit van de betrokkene;
4. de extra verwarming en elektriciteit;
1. het zelf inhuren van huishoudelijke hulp volgens een jaarlijks vast te stellen uurloon indien de in onderdeel a, onder 1, bedoelde instelling deze hulp niet kan leveren;
2. de extra slijtage van de kleding, schoeisel en het beddengoed;
3. de vervanging van een garderobe in verband met de invaliditeit van de betrokkene;
4. de extra verwarming en elektriciteit;
c. de financiële tegemoetkoming in de premiekosten met betrekking tot: 1. een ongevallenverzekering, voor zover deze de risico’s, verbonden aan het uitgeoefende beroep, dekt;
2. een verzekering ter verkrijging van een periodieke uitkering wegens inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid;
3. een levensverzekering ten behoeve van nabestaanden;
4. een pensioenverzekering ten behoeve van een nabestaandenpensioen;
5. een verzekering van het WAO-hiaat.
1. een ongevallenverzekering, voor zover deze de risico’s, verbonden aan het uitgeoefende beroep, dekt;
2. een verzekering ter verkrijging van een periodieke uitkering wegens inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid;
3. een levensverzekering ten behoeve van nabestaanden;
4. een pensioenverzekering ten behoeve van een nabestaandenpensioen;
5. een verzekering van het WAO-hiaat.
a. de financiële vergoeding van de kosten van: 1. de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp voor zover deze hulp door een instelling voor gezinsverzorging kan worden verleend;
2. de factuur in verband met de indicatiestelling van de onder 1, bedoelde instelling;
3. de extra huurkosten van een woning indien betrokkene voor het eerst zelfstandig gaat wonen en deze kosten een bedrag van 12% van het bruto jaarinkomen overschrijden. Voor verlenging van de voorziening kan betrokkene jaarlijks een verzoek hiertoe indienen.
1. de eigen bijdrage voor huishoudelijke hulp voor zover deze hulp door een instelling voor gezinsverzorging kan worden verleend;
2. de factuur in verband met de indicatiestelling van de onder 1, bedoelde instelling;
3. de extra huurkosten van een woning indien betrokkene voor het eerst zelfstandig gaat wonen en deze kosten een bedrag van 12% van het bruto jaarinkomen overschrijden. Voor verlenging van de voorziening kan betrokkene jaarlijks een verzoek hiertoe indienen.
b. de financiële tegemoetkoming in de kosten van: 1. het zelf inhuren van huishoudelijke hulp volgens een jaarlijks vast te stellen uurloon indien de in onderdeel a, onder 1, bedoelde instelling deze hulp niet kan leveren;
2. de extra slijtage van de kleding, schoeisel en het beddengoed;
3. de vervanging van een garderobe in verband met de invaliditeit van de betrokkene;
4. de extra verwarming en elektriciteit;
1. het zelf inhuren van huishoudelijke hulp volgens een jaarlijks vast te stellen uurloon indien de in onderdeel a, onder 1, bedoelde instelling deze hulp niet kan leveren;
2. de extra slijtage van de kleding, schoeisel en het beddengoed;
3. de vervanging van een garderobe in verband met de invaliditeit van de betrokkene;
4. de extra verwarming en elektriciteit;
c. de financiële tegemoetkoming in de premiekosten met betrekking tot: 1. een ongevallenverzekering, voor zover deze de risico’s, verbonden aan het uitgeoefende beroep, dekt;
2. een verzekering ter verkrijging van een periodieke uitkering wegens inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid;
3. een levensverzekering ten behoeve van nabestaanden;
4. een pensioenverzekering ten behoeve van een nabestaandenpensioen;
5. een verzekering van het WAO-hiaat.
1. een ongevallenverzekering, voor zover deze de risico’s, verbonden aan het uitgeoefende beroep, dekt;
2. een verzekering ter verkrijging van een periodieke uitkering wegens inkomstenderving als gevolg van arbeidsongeschiktheid;
3. een levensverzekering ten behoeve van nabestaanden;
4. een pensioenverzekering ten behoeve van een nabestaandenpensioen;
5. een verzekering van het WAO-hiaat.