BWBR0008245
Geldig vanaf 1996-09-25
Artikel 2
Warenwetregeling Gebruik van additieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen in levensmiddelen
1. In eet- en drinkwaren mogen uitsluitend aanwezig zijn als stoffen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder d tot en met aa, de in de bijlagen I, IIIen IVgenoemde additieven.
2. De in bijlage Igenoemde additieven mogen quantum satis zijn toegevoegd aan eet- en drinkwaren, voor zover die eet- en drinkwaren niet zijn genoemd in bijlage II.
3. De in bijlage Igenoemde additieven mogen, tenzij in deze regeling anders is bepaald, niet zijn toegevoegd aan:
a. onverwerkte eet- of drinkwaar;
b. honing, bedoeld in het Warenwetbesluit Honing;
c. niet-geëmulgeerde oliën en vetten van dierlijke of plantaardige oorsprong;
d. boter;
e. gepasteuriseerde en gesteriliseerde (inclusief UHT) melk (inclusief volle, halfvolle en magere melk) en volle gepasteuriseerde room;
f. niet-gearomatiseerde met levende fermenten gefermenteerde melkproducten;
g. natuurlijk mineraalwater en bronwater, bedoeld in het Warenwetbesluit Verpakte waters;
h. koffie, met uitzondering van gearomatiseerde oploskoffie, en van koffie-extract als bedoeld in het Warenwetbesluit Koffie- en cichorei-extracten;
i. niet-gearomatiseerde thee;
j. suikers, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Warenwetbesluit suikers;
k. droge deegwaren met uitzondering van glutenvrije deegwaren of deegwaren voor diëten met een laag proteïnegehalte, in overeenstemming met het Warenwetbesluit Producten voor bijzondere voeding;
l. niet-gearomatiseerde natuurlijke karnemelk, met uitzondering van gesteriliseerde karnemelk;
m. volledige zuigelingenvoeding en opvolgzuigelingenvoeding, bedoeld in de Warenwetregeling Zuigelingenvoeding, en eet- en drinkwaren bestemd voor peuters, alsmede de daaraan wat betreft samenstelling identieke eet- en drinkwaren, bestemd voor niet gezonde zuigelingen onderscheidenlijk niet gezonde peuters;
n. de in bijlage II genoemde eet- en drinkwaren.
4. Onverminderd het derde lid mogen de stoffen E290, E938, E939, E941, E942 en E948 aanwezig zijn in de in dat lid genoemde eet- en drinkwaren.
5. Onverminderd het tweede lid zijn de stoffen E410, E412, E415 en E417 niet aanwezig in gedehydrateerde eet- en drinkwaren die rehydrateren bij inname door de eindverbruiker.
6. De stoffen E407, E407a, en E 440 mogen met suikers worden gestandaardiseerd onder de voorwaarde dat dit tezamen met hun nummer en aanduiding wordt vermeld.
2. De in bijlage Igenoemde additieven mogen quantum satis zijn toegevoegd aan eet- en drinkwaren, voor zover die eet- en drinkwaren niet zijn genoemd in bijlage II.
3. De in bijlage Igenoemde additieven mogen, tenzij in deze regeling anders is bepaald, niet zijn toegevoegd aan:
a. onverwerkte eet- of drinkwaar;
b. honing, bedoeld in het Warenwetbesluit Honing;
c. niet-geëmulgeerde oliën en vetten van dierlijke of plantaardige oorsprong;
d. boter;
e. gepasteuriseerde en gesteriliseerde (inclusief UHT) melk (inclusief volle, halfvolle en magere melk) en volle gepasteuriseerde room;
f. niet-gearomatiseerde met levende fermenten gefermenteerde melkproducten;
g. natuurlijk mineraalwater en bronwater, bedoeld in het Warenwetbesluit Verpakte waters;
h. koffie, met uitzondering van gearomatiseerde oploskoffie, en van koffie-extract als bedoeld in het Warenwetbesluit Koffie- en cichorei-extracten;
i. niet-gearomatiseerde thee;
j. suikers, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Warenwetbesluit suikers;
k. droge deegwaren met uitzondering van glutenvrije deegwaren of deegwaren voor diëten met een laag proteïnegehalte, in overeenstemming met het Warenwetbesluit Producten voor bijzondere voeding;
l. niet-gearomatiseerde natuurlijke karnemelk, met uitzondering van gesteriliseerde karnemelk;
m. volledige zuigelingenvoeding en opvolgzuigelingenvoeding, bedoeld in de Warenwetregeling Zuigelingenvoeding, en eet- en drinkwaren bestemd voor peuters, alsmede de daaraan wat betreft samenstelling identieke eet- en drinkwaren, bestemd voor niet gezonde zuigelingen onderscheidenlijk niet gezonde peuters;
n. de in bijlage II genoemde eet- en drinkwaren.
4. Onverminderd het derde lid mogen de stoffen E290, E938, E939, E941, E942 en E948 aanwezig zijn in de in dat lid genoemde eet- en drinkwaren.
5. Onverminderd het tweede lid zijn de stoffen E410, E412, E415 en E417 niet aanwezig in gedehydrateerde eet- en drinkwaren die rehydrateren bij inname door de eindverbruiker.
6. De stoffen E407, E407a, en E 440 mogen met suikers worden gestandaardiseerd onder de voorwaarde dat dit tezamen met hun nummer en aanduiding wordt vermeld.