BWBR0008226
Geldig vanaf 1996-09-13
Artikel 19
Wet gemeentelijke herindeling van Schouwen-Duiveland en Walcheren
1. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen stelt op de wijze als aangegeven in de artikelen 56, tweede lid, en 107a van de Wet op het basisonderwijsde stichtings- en opheffingsnormen voor scholen voor basisonderwijs vast voor de bij deze wet betrokken gemeenten. De ingevolge de eerste volzin vastgestelde stichtings- en opheffingsnormen treden in de plaats van de voor de betrokken gemeenten in de bijlage bij de Wet op het basisonderwijsopgenomen normen. De nieuwe normen gelden met ingang van de datum van herindeling.
2. Indien de raad van een bij deze wet betrokken gemeente binnen drie maanden na de datum van herindeling een besluit neemt tot splitsing van de gemeente, stelt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor de beide gebiedsdelen een afzonderlijke opheffingsnorm vast. Artikel 107b, eerste lid eerste, tweede en vierde volzin, tweede lid eerste en derde volzin, en vijfde lid, van de Wet op het basisonderwijsis van overeenkomstige toepassing.
2. Indien de raad van een bij deze wet betrokken gemeente binnen drie maanden na de datum van herindeling een besluit neemt tot splitsing van de gemeente, stelt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor de beide gebiedsdelen een afzonderlijke opheffingsnorm vast. Artikel 107b, eerste lid eerste, tweede en vierde volzin, tweede lid eerste en derde volzin, en vijfde lid, van de Wet op het basisonderwijsis van overeenkomstige toepassing.