BWBR0008211
Geldig vanaf 1996-09-01
Artikel 3
Mandaatbesluit personele bevoegdheden directeur-generaal Openbare Orde en Veiligheid
1. De directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid kan in het kader van de uitvoering van het tussen de secretaris-generaal en de directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid gesloten managementcontract bij het directoraat-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid de in artikel 1bedoelde bevoegdheden geheel of gedeeltelijk mandateren:
aan de directeur Brandweer en Rampenbestrijding, waar het zaken betreft die de directie Brandweer en Rampenbestrijding aangaan;
aan de directeur Politie, waar het zaken betreft die de directie Politie aangaan;
aan het hoofd Landelijk Coördinatiecentrum, waar het zaken betreft die het Landelijk Coördinatiecentrum aangaan;
aan het hoofd Informatiebeleid OOV waar het zaken betreft die de afdeling Informatiebeleid OOV aangaan;
aan het hoofd van de Inspectie Politie waar het zaken betreft die Inspectie Politie aangaan.
2. De directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid kan het aanstellen van respectievelijk het verlenen van ontslag aan personen die een functie vervullen waaraan salarisschaal 12 of hoger is verbonden niet mandateren.
aan de directeur Brandweer en Rampenbestrijding, waar het zaken betreft die de directie Brandweer en Rampenbestrijding aangaan;
aan de directeur Politie, waar het zaken betreft die de directie Politie aangaan;
aan het hoofd Landelijk Coördinatiecentrum, waar het zaken betreft die het Landelijk Coördinatiecentrum aangaan;
aan het hoofd Informatiebeleid OOV waar het zaken betreft die de afdeling Informatiebeleid OOV aangaan;
aan het hoofd van de Inspectie Politie waar het zaken betreft die Inspectie Politie aangaan.
2. De directeur-generaal voor Openbare Orde en Veiligheid kan het aanstellen van respectievelijk het verlenen van ontslag aan personen die een functie vervullen waaraan salarisschaal 12 of hoger is verbonden niet mandateren.