BWBR0008202
Geldig vanaf 1996-09-01
Artikel 4
aanvullende voorschriften en beperkingen verbonden aan machtigingen voor zendinrichtingen voor het doen van onderzoekingen door verenigingen van radiozendamateurs 1996
1. In afwijking van het bepaalde in artikel 6, zevende lid punt 1, is de machtiginghouder niet verplicht bij het Verenigingsstation aanwezig te zijn. De machtiginghouder mag het Verenigingsstation doen gebruiken door radiozendamateurs van de categorie A, C en N met toepassing van de voor hen geldende voorschriften en beperkingen.
2. In aanvulling op het bepaalde in het eerste lid, mag de machtiginghouder het Verenigingsstation tevens doen gebruiken door:
a. radiozendamateurs van de categorie C en N op amateurfrequentiebanden die buiten hun amateurmachtiging vallen.
b. leden van de vereniging in het bezit van een verklaring van de examencommissie voor amateurradiozendexamens waaruit blijkt dat met goed gevolg het examen bedoeld in artikel 3 van het Reglement amateurradiozendexamens is afgelegd en die de vereiste leeftijd voor een amateurmachtiging nog niet hebben bereikt.
c. leden van de vereniging, niet in het bezit van een amateurmachtiging, die zich bekwamen voor het afleggen van de van toepassing zijnde amateurradiozendexamens. Het gebruik dient te geschieden onder direct toezicht van een radiozendamateur met een machtiging van de categorie A voor uitzendingen lager dan 30 MHz en van de categorieën A of C voor uitzendingen hoger dan 30 MHz.
2. In aanvulling op het bepaalde in het eerste lid, mag de machtiginghouder het Verenigingsstation tevens doen gebruiken door:
a. radiozendamateurs van de categorie C en N op amateurfrequentiebanden die buiten hun amateurmachtiging vallen.
b. leden van de vereniging in het bezit van een verklaring van de examencommissie voor amateurradiozendexamens waaruit blijkt dat met goed gevolg het examen bedoeld in artikel 3 van het Reglement amateurradiozendexamens is afgelegd en die de vereiste leeftijd voor een amateurmachtiging nog niet hebben bereikt.
c. leden van de vereniging, niet in het bezit van een amateurmachtiging, die zich bekwamen voor het afleggen van de van toepassing zijnde amateurradiozendexamens. Het gebruik dient te geschieden onder direct toezicht van een radiozendamateur met een machtiging van de categorie A voor uitzendingen lager dan 30 MHz en van de categorieën A of C voor uitzendingen hoger dan 30 MHz.