BWBR0008114
Geldig vanaf 2010-12-13
Artikel 20e
Besluit bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Rijk
1. Ten aanzien van de betrokkene die op 31 december 2011 recht had op een bovenwettelijke uitkering op basis van dit besluit, blijft dit besluit van toepassing zoals het op die dag luidde, met dien verstande dat:
a. voor de ambtenaar bedoeld in artikel 2, derde lid, van het besluit zoals dit gold op 31 december 2011, de uitkeringsduur wordt verlengd tot de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt;
b. voor de ambtenaar bedoeld in artikel 8, vierde lid, van het besluit zoals dit gold op 31 december 2011, het recht op aansluitende uitkering eindigt na ommekomst van de duur van de aansluitende uitkering, dan wel op de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt indien dat eerder is.
2. Ten aanzien van de ambtenaar die voor 1 januari 2012 is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/49d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 49d</a>of <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/49e" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 49e, tweede lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement</a>, <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/84d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 84d</a>of <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/84e" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 84e, tweede lid, van Ambtenarenreglement Staten-Generaal</a>en <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/58c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 58c</a>of <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/58d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 58d, tweede lid, van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken</a>en waarvan het ontslag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/96" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 96 van het Algemeen Rijksambtenarenreglemen</a>t respectievelijk in <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/126" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 126 van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal</a>of in <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/99" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 99 van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken</a>, ingaat op of na 1 januari 2012, blijft artikel 2van dit besluit van toepassing zoals het op 31 december 2011 luidde, met dien verstande dat de uitkeringsduur wordt verlengd tot de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.
a. voor de ambtenaar bedoeld in artikel 2, derde lid, van het besluit zoals dit gold op 31 december 2011, de uitkeringsduur wordt verlengd tot de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt;
b. voor de ambtenaar bedoeld in artikel 8, vierde lid, van het besluit zoals dit gold op 31 december 2011, het recht op aansluitende uitkering eindigt na ommekomst van de duur van de aansluitende uitkering, dan wel op de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt indien dat eerder is.
2. Ten aanzien van de ambtenaar die voor 1 januari 2012 is aangewezen als herplaatsingskandidaat als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/49d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 49d</a>of <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/49e" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 49e, tweede lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement</a>, <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/84d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 84d</a>of <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/84e" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 84e, tweede lid, van Ambtenarenreglement Staten-Generaal</a>en <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/58c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 58c</a>of <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/58d" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 58d, tweede lid, van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken</a>en waarvan het ontslag, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0001950/artikel/96" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 96 van het Algemeen Rijksambtenarenreglemen</a>t respectievelijk in <a href="/wet/BWBR0003229/artikel/126" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 126 van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal</a>of in <a href="/wet/BWBR0004052/artikel/99" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 99 van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken</a>, ingaat op of na 1 januari 2012, blijft artikel 2van dit besluit van toepassing zoals het op 31 december 2011 luidde, met dien verstande dat de uitkeringsduur wordt verlengd tot de dag waarop betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.