BWBR0008020
Geldig vanaf 1996-05-10
Artikel 4
Uitvoeringsregeling benoeming leden huurcommissie
Indien in een vacature van een lid of plaatsvervangend lid van een huurcommissie dient te worden voorzien en de in artikel 3, onder b, genoemde organisaties, hoewel daartoe uitdrukkelijk door gedeputeerde staten opgeroepen, binnen twee maanden geen of geen geschikte persoon voor benoeming hebben aanbevolen, kunnen gedeputeerde staten, in afwijking van artikel 3, aanhef en onder b, een persoon in die vacature benoemen, die niet aan het gestelde in dat artikel-onderdeel voldoet. Gedeputeerde staten kunnen in een dergelijk geval andere organisaties die naar hun oordeel geacht kunnen worden de belangen van huurders of verhuurders te vertegenwoordigen, in de gelegenheid stellen een aanbeveling te doen.