BWBR0007806
Geldig vanaf 1995-12-31
Artikel 4a
Regeling op-, overslag en distributie benzine milieubeheer
1. Het is degene die een terminal drijft, verboden een ladingtank te beladen waarin volgens de stoffenlijst benzine mag worden vervoerd.
2. Het eerste lid geldt niet indien:
a. de schipper aan degene die de terminal drijft, aantoont dat hij beschikt over een bijgewerkte reisregistratie overeenkomstig randnummer 7.2.4.12 van bijlage 1 bij de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen, en
b. artikel 2 van de Regeling benzinevervoer in mobiele tanks 2006 van toepassing is of de schipper aan degene die de terminal drijft, aantoont dat de ladingtank is ontgast met toepassing van artikel 4 van de Regeling benzinevervoer in mobiele tanks 2006.
3. Het eerste lid geldt voorts niet indien tijdens het beladen van een ladingtank verplaatsingsdampen uit die tank door een dampdichte leiding worden teruggevoerd naar een dampverwerkingseenheid.
2. Het eerste lid geldt niet indien:
a. de schipper aan degene die de terminal drijft, aantoont dat hij beschikt over een bijgewerkte reisregistratie overeenkomstig randnummer 7.2.4.12 van bijlage 1 bij de Regeling vervoer over de binnenwateren van gevaarlijke stoffen, en
b. artikel 2 van de Regeling benzinevervoer in mobiele tanks 2006 van toepassing is of de schipper aan degene die de terminal drijft, aantoont dat de ladingtank is ontgast met toepassing van artikel 4 van de Regeling benzinevervoer in mobiele tanks 2006.
3. Het eerste lid geldt voorts niet indien tijdens het beladen van een ladingtank verplaatsingsdampen uit die tank door een dampdichte leiding worden teruggevoerd naar een dampverwerkingseenheid.