BWBR0007788
Geldig vanaf 2017-03-22
Artikel 3
Wet Fonds economische structuurversterking
1. Ten laste van het fonds kunnen bijdragen worden toegekend aan andere begrotingen van het Rijk als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0039429/artikel/2.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2.1, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016</a>ten behoeve van de financiering van:
a. investeringsprojecten van nationaal belang waarmee beoogd wordt de economische structuur te versterken, voorzover betrekking hebbend op: 1°. de verkeers- en vervoersinfrastructuur met inbegrip van kosten die samenhangen met milieumaatregelen;
2°. de technologie-, telecommunicatie- en kennisinfrastructuur;
3°. bodemsanering, voor zover verband houdend met de projecten genoemd onder 1° of met bouwprojecten in de binnensteden;
4°. de stedelijke hoofdstructuur, voor zover die samenhangt met en functioneel een relatie heeft met de projecten genoemd onder 1°;
5°. de ecologische hoofdstructuur, voor zover een functionele relatie bestaat met projecten genoemd onder 1°;
1°. de verkeers- en vervoersinfrastructuur met inbegrip van kosten die samenhangen met milieumaatregelen;
2°. de technologie-, telecommunicatie- en kennisinfrastructuur;
3°. bodemsanering, voor zover verband houdend met de projecten genoemd onder 1° of met bouwprojecten in de binnensteden;
4°. de stedelijke hoofdstructuur, voor zover die samenhangt met en functioneel een relatie heeft met de projecten genoemd onder 1°;
5°. de ecologische hoofdstructuur, voor zover een functionele relatie bestaat met projecten genoemd onder 1°;
b. de projecten in het kader van de investeringsimpuls, zoals bedoeld in de Voorjaarsnota 1993 (Kamerstukken II 1992/93, 23 100, nr. 1).
2. Aan de toekenning van een bijdrage kunnen voorwaarden worden verbonden.
a. investeringsprojecten van nationaal belang waarmee beoogd wordt de economische structuur te versterken, voorzover betrekking hebbend op: 1°. de verkeers- en vervoersinfrastructuur met inbegrip van kosten die samenhangen met milieumaatregelen;
2°. de technologie-, telecommunicatie- en kennisinfrastructuur;
3°. bodemsanering, voor zover verband houdend met de projecten genoemd onder 1° of met bouwprojecten in de binnensteden;
4°. de stedelijke hoofdstructuur, voor zover die samenhangt met en functioneel een relatie heeft met de projecten genoemd onder 1°;
5°. de ecologische hoofdstructuur, voor zover een functionele relatie bestaat met projecten genoemd onder 1°;
1°. de verkeers- en vervoersinfrastructuur met inbegrip van kosten die samenhangen met milieumaatregelen;
2°. de technologie-, telecommunicatie- en kennisinfrastructuur;
3°. bodemsanering, voor zover verband houdend met de projecten genoemd onder 1° of met bouwprojecten in de binnensteden;
4°. de stedelijke hoofdstructuur, voor zover die samenhangt met en functioneel een relatie heeft met de projecten genoemd onder 1°;
5°. de ecologische hoofdstructuur, voor zover een functionele relatie bestaat met projecten genoemd onder 1°;
b. de projecten in het kader van de investeringsimpuls, zoals bedoeld in de Voorjaarsnota 1993 (Kamerstukken II 1992/93, 23 100, nr. 1).
2. Aan de toekenning van een bijdrage kunnen voorwaarden worden verbonden.