BWBR0007711
Geldig vanaf 1996-01-01
Artikel 3
Regeling vaststelling grondslagen bekostiging vormingsinstituten kalenderjaar 1996
1. Het normvergoedingsbedrag per deelnemer, bedoeld in artikel 35, eerste lid onderdeel a, van het besluit, bedraagt met ingang 1 januari 1997 voor de vormingsinstituten f 575,–.
2. Het normvergoedingsbedrag per deelnemer, bedoeld in artikel 35, eerste lid onderdeel a, van het besluit, bedraagt voor de periode 1 januari 1996 tot en met 31 december 1996 voor de vormingsinstituten buiten scholengemeenschap f 719 en voor de vormingsinstituten in scholengemeenschap f 433.
3. Het normvergoedingsbedrag per gebouwenkenmerk, bedoeld in artikel 35, eerste lid onder b van het besluit, bedraagt voor de vormingsinstituten f 16,75 per vierkante meter.
4. Indien sprake is van een scholengemeenschap wordt het bedrag bedoeld in het derde lid slechts eenmaal verstrekt.
2. Het normvergoedingsbedrag per deelnemer, bedoeld in artikel 35, eerste lid onderdeel a, van het besluit, bedraagt voor de periode 1 januari 1996 tot en met 31 december 1996 voor de vormingsinstituten buiten scholengemeenschap f 719 en voor de vormingsinstituten in scholengemeenschap f 433.
3. Het normvergoedingsbedrag per gebouwenkenmerk, bedoeld in artikel 35, eerste lid onder b van het besluit, bedraagt voor de vormingsinstituten f 16,75 per vierkante meter.
4. Indien sprake is van een scholengemeenschap wordt het bedrag bedoeld in het derde lid slechts eenmaal verstrekt.