BWBR0007686
Geldig vanaf 1996-01-10
Artikel 4
Besluit administratieve verplichtingen waterschapsbelastingen
1. Informatieplichtig is:
a. de eigenaar, de bezitter en de beperkt gerechtigde van een woonruimte of een bedrijfsruimte, voor zover dat voor de heffing van de waterschapbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van de woonruimte of bedrijfsruimte;
b. de eigenaar of beheerder van een energiebedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het energiebedrijf;
c. de eigenaar of beheerder van een waterleidingbedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van naam-, adres- en woonplaatsgegevens en van de gegevens met betrekking tot de omvang van de geleverde hoeveelheid water, van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het waterleidingbedrijf;
d. de aannemer, bedoeld in artikel 1637b van Boek 7A van het Burgerlijk Wetboek, die een onroerende zaak tot stand heeft gebracht en heeft opgeleverd, voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel c, van de Waterschapswet, van belang kan zijn, terzake van de vervaardigingskosten van de tot stand gebrachte onroerende zaak.
2. Voor zover dit redelijkerwijs van belang kan worden geacht voor de uitvoering van dit besluit, gelden de in het eerste lid bedoelde verplichtingen ook buiten het gebied van het waterschap.
3. Informatieplichtig zijn slechts degenen die voor de heffing van rijksbelastingen administratieplichtig zijn.
a. de eigenaar, de bezitter en de beperkt gerechtigde van een woonruimte of een bedrijfsruimte, voor zover dat voor de heffing van de waterschapbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van de woonruimte of bedrijfsruimte;
b. de eigenaar of beheerder van een energiebedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het energiebedrijf;
c. de eigenaar of beheerder van een waterleidingbedrijf en het administratiekantoor dat voor die persoon werkzaam is voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 116, aanhef en onderdelen d en e, van de Waterschapswet of in artikel 18, eerste lid, van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren, van belang kan zijn, terzake van naam-, adres- en woonplaatsgegevens en van de gegevens met betrekking tot de omvang van de geleverde hoeveelheid water, van degene die het gebruik heeft van een woonruimte of een bedrijfsruimte, die is aangesloten op voorzieningen van het waterleidingbedrijf;
d. de aannemer, bedoeld in artikel 1637b van Boek 7A van het Burgerlijk Wetboek, die een onroerende zaak tot stand heeft gebracht en heeft opgeleverd, voor zover dat voor de heffing van de waterschapsbelasting, bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel c, van de Waterschapswet, van belang kan zijn, terzake van de vervaardigingskosten van de tot stand gebrachte onroerende zaak.
2. Voor zover dit redelijkerwijs van belang kan worden geacht voor de uitvoering van dit besluit, gelden de in het eerste lid bedoelde verplichtingen ook buiten het gebied van het waterschap.
3. Informatieplichtig zijn slechts degenen die voor de heffing van rijksbelastingen administratieplichtig zijn.