BWBR0007678
Geldig vanaf 1995-12-01
Artikel 13
Wet belasting zware motorrijtuigen
1. Indien wordt geconstateerd dat de verschuldigde belasting niet, niet tijdig of niet geheel is betaald, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur, in afwijking van de artikelen 67b, 67cen 67f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, een bestuurlijke boete van ten hoogste € 6.709 kan opleggen aan de houder.
2. Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingenis van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het eerste lid.
3. Indien de verschuldigde belasting wordt nageheven, legt de inspecteur de boete op gelijktijdig met de vaststelling van de naheffingsaanslag. In andere gevallen vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de bevoegdheid tot het opleggen van de boete door verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de constatering, bedoeld in het eerste lid, heeft plaatsgevonden.
2. Artikel 67cb van de Algemene wet inzake rijksbelastingenis van overeenkomstige toepassing op het bedrag van de boete, genoemd in het eerste lid.
3. Indien de verschuldigde belasting wordt nageheven, legt de inspecteur de boete op gelijktijdig met de vaststelling van de naheffingsaanslag. In andere gevallen vervalt, in afwijking van artikel 5:45, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, de bevoegdheid tot het opleggen van de boete door verloop van vijf jaren na het einde van het kalenderjaar waarin de constatering, bedoeld in het eerste lid, heeft plaatsgevonden.