BWBR0007668
Geldig vanaf 1996-01-01
Artikel 2
Tijdelijk besluit kwaliteitsregels kinderopvang
1. Bij gemeentelijke verordening worden aan houders van kindercentra in ieder geval eisen gesteld die betrekking hebben op:
a. de inrichting, hygiënische toestand en veiligheid van het kindercentrum voorzover deze eisen noodzakelijk zijn voor de kinderopvang en hierin niet wordt voorzien bij of krachtens de Woningwet;
b. de waarborging van de invloed van functionarissen en van personen behulpzaam bij de verzorging en opvoeding op het beleid van de houder;
c. de aansprakelijkheid- en ongevallenverzekering.
2. Bij gemeentelijke verordening worden met betrekking tot kindercentra regels gesteld ten aanzien van de groepsgrootte en de aantallen functionarissen in relatie tot de aantallen kinderen. Daarbij worden ten minste de volgende eisen gesteld:
a. de opvang van kinderen vindt in groepen plaats met dien verstande dat een groep van kinderen: 1. in de leeftijd van 0 tot 1 jaar gelijktijdig ten hoogste 12 kinderen omvat;
2. in de leeftijd van 0 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 16 kinderen omvat, waaronder ten hoogste 8 kinderen van 0 tot 1 jaar;
3. in de leeftijd van 4 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 20 kinderen omvat;
1. in de leeftijd van 0 tot 1 jaar gelijktijdig ten hoogste 12 kinderen omvat;
2. in de leeftijd van 0 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 16 kinderen omvat, waaronder ten hoogste 8 kinderen van 0 tot 1 jaar;
3. in de leeftijd van 4 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 20 kinderen omvat;
b. tenminste één functionaris wordt ingezet voor de verzorging en opvoeding van gelijktijdig ten hoogste: 1. 4 kinderen in de leeftijd van 0 tot 1 jaar;
2. 5 kinderen in de leeftijd van 1 tot 2 jaar;
3. 6 kinderen in de leeftijd van 2 tot 3 jaar;
4. 8 kinderen in de leeftijd van 3 tot 4 jaar;
5. 10 kinderen in de leeftijd van 4 tot het einde van de basisschoolleeftijd;
6. het aantal functionarissen bij een gemengde groep wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde, waarbij naar boven kan worden afgerond;
1. 4 kinderen in de leeftijd van 0 tot 1 jaar;
2. 5 kinderen in de leeftijd van 1 tot 2 jaar;
3. 6 kinderen in de leeftijd van 2 tot 3 jaar;
4. 8 kinderen in de leeftijd van 3 tot 4 jaar;
5. 10 kinderen in de leeftijd van 4 tot het einde van de basisschoolleeftijd;
6. het aantal functionarissen bij een gemengde groep wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde, waarbij naar boven kan worden afgerond;
c. in afwijking van onderdeel b kan gedurende een beperkte tijd, doch niet meer dan anderhalf uur, na opening en voor sluiting van het kindercentrum en in bijzondere omstandigheden één functionaris minder ingezet worden, met dien verstande dat tenminste één functionaris wordt ingezet;
d. indien slechts één functionaris ingezet wordt ingevolge onderdeel b of c, wordt naast deze functionaris ten minste één volwassene ingezet ter ondersteuning van die functionaris;
e. per groep is een ruimte beschikbaar, die per kind 3 vierkante meter netto speel/werkoppervlak bevat, bepaald overeenkomstig NEN 2580;
f. er is buitenspeelruimte beschikbaar, waarvan de oppervlakte minimaal 4 vierkante meter per spelend kind bedraagt, bepaald overeenkomstig NEN 2580;
g. kinderen tot anderhalf jaar beschikken over slaapgelegenheid in een aparte ruimte en kinderen ouder dan anderhalf beschikken over slaapgelegenheid in een rustige, af te scheiden ruimte.
a. de inrichting, hygiënische toestand en veiligheid van het kindercentrum voorzover deze eisen noodzakelijk zijn voor de kinderopvang en hierin niet wordt voorzien bij of krachtens de Woningwet;
b. de waarborging van de invloed van functionarissen en van personen behulpzaam bij de verzorging en opvoeding op het beleid van de houder;
c. de aansprakelijkheid- en ongevallenverzekering.
2. Bij gemeentelijke verordening worden met betrekking tot kindercentra regels gesteld ten aanzien van de groepsgrootte en de aantallen functionarissen in relatie tot de aantallen kinderen. Daarbij worden ten minste de volgende eisen gesteld:
a. de opvang van kinderen vindt in groepen plaats met dien verstande dat een groep van kinderen: 1. in de leeftijd van 0 tot 1 jaar gelijktijdig ten hoogste 12 kinderen omvat;
2. in de leeftijd van 0 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 16 kinderen omvat, waaronder ten hoogste 8 kinderen van 0 tot 1 jaar;
3. in de leeftijd van 4 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 20 kinderen omvat;
1. in de leeftijd van 0 tot 1 jaar gelijktijdig ten hoogste 12 kinderen omvat;
2. in de leeftijd van 0 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 16 kinderen omvat, waaronder ten hoogste 8 kinderen van 0 tot 1 jaar;
3. in de leeftijd van 4 tot 13 jaar gelijktijdig ten hoogste 20 kinderen omvat;
b. tenminste één functionaris wordt ingezet voor de verzorging en opvoeding van gelijktijdig ten hoogste: 1. 4 kinderen in de leeftijd van 0 tot 1 jaar;
2. 5 kinderen in de leeftijd van 1 tot 2 jaar;
3. 6 kinderen in de leeftijd van 2 tot 3 jaar;
4. 8 kinderen in de leeftijd van 3 tot 4 jaar;
5. 10 kinderen in de leeftijd van 4 tot het einde van de basisschoolleeftijd;
6. het aantal functionarissen bij een gemengde groep wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde, waarbij naar boven kan worden afgerond;
1. 4 kinderen in de leeftijd van 0 tot 1 jaar;
2. 5 kinderen in de leeftijd van 1 tot 2 jaar;
3. 6 kinderen in de leeftijd van 2 tot 3 jaar;
4. 8 kinderen in de leeftijd van 3 tot 4 jaar;
5. 10 kinderen in de leeftijd van 4 tot het einde van de basisschoolleeftijd;
6. het aantal functionarissen bij een gemengde groep wordt bepaald aan de hand van het gemiddelde, waarbij naar boven kan worden afgerond;
c. in afwijking van onderdeel b kan gedurende een beperkte tijd, doch niet meer dan anderhalf uur, na opening en voor sluiting van het kindercentrum en in bijzondere omstandigheden één functionaris minder ingezet worden, met dien verstande dat tenminste één functionaris wordt ingezet;
d. indien slechts één functionaris ingezet wordt ingevolge onderdeel b of c, wordt naast deze functionaris ten minste één volwassene ingezet ter ondersteuning van die functionaris;
e. per groep is een ruimte beschikbaar, die per kind 3 vierkante meter netto speel/werkoppervlak bevat, bepaald overeenkomstig NEN 2580;
f. er is buitenspeelruimte beschikbaar, waarvan de oppervlakte minimaal 4 vierkante meter per spelend kind bedraagt, bepaald overeenkomstig NEN 2580;
g. kinderen tot anderhalf jaar beschikken over slaapgelegenheid in een aparte ruimte en kinderen ouder dan anderhalf beschikken over slaapgelegenheid in een rustige, af te scheiden ruimte.