BWBR0007521
Geldig vanaf 1995-09-09
Artikel III
Regeling ter aanpassing van een aantal BVE-regelingen aan de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank
In afwijking van het Eindexamenbesluit m.m.o., zoals luidend op 31 juli 1991, gelden voor de toepassing van dat besluit de volgende voorschriften:
A. Aan artikel 1 wordt na de begripsbepaling van Onze Minister ingevoegd een nieuwe begripsbepaling, luidende als volgt: "Informatie Beheer Groep": de Informatie Beheer Groep, genoemd in de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank.
B. Artikel 5, eerste lid, eerste volzin, wordt als volgt gewijzigd: Jaarlijks voor 1 april wijst de Informatie Beheer Groep op voordracht van de inspecteur een of meer gecommitteerden aan die met het toezicht op het eindexamen van de school worden belast.
C. Artikel 5, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd: Onze minister stelt een instructie voor de gecommitteerden vast.
D. Artikel 7, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: Jaarlijks voor 1 oktober stelt de Informatie Beheer Groep een centrale commissie in ter vaststelling van de in artikel 6 bedoelde opgaven, alsmede ter vaststelling van de bij die opgaven behorende beoordelingsnormen. De Informatie Beheer Groep wijst een inspecteur van het voortgezet onderwijs aan als lid van de commissie. De Informatie Beheer Groep benoemt tevens de voorzitter van de centrale commissie.
E. In artikel 7, tweede lid, wordt "Onze minister" vervangen door "de Informatie Beheer Groep".
F. Artikel 26, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: Het bevoegd gezag zendt zo spoedig mogelijk na afloop van het eindexamen, doch uiterlijk op 1 oktober, een verslag daarvan aan de Informatie Beheer Groep en aan de inspecteur.
G. Artikel 26, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: Een afschrift van dit verslag zendt het bevoegd gezag aan de voorzitter van de centrale commissie. Deze voorzitter brengt voor 1 maart verslag uit aan de Informatie Beheer Groep.
H. Artikel 26, derde lid, wordt als volgt gewijzigd: De gecommitteerde zendt zo spoedig mogelijk na afloop van het eindexamen, doch uiterlijk op 1 oktober, een verslag daarvan aan de Informatie Beheer Groep en aan de inspecteur.
I. Artikel 26, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd: Onze minister kan voorschriften geven omtrent de wijze waarop de verslagen worden ingericht.
A. Aan artikel 1 wordt na de begripsbepaling van Onze Minister ingevoegd een nieuwe begripsbepaling, luidende als volgt: "Informatie Beheer Groep": de Informatie Beheer Groep, genoemd in de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank.
B. Artikel 5, eerste lid, eerste volzin, wordt als volgt gewijzigd: Jaarlijks voor 1 april wijst de Informatie Beheer Groep op voordracht van de inspecteur een of meer gecommitteerden aan die met het toezicht op het eindexamen van de school worden belast.
C. Artikel 5, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd: Onze minister stelt een instructie voor de gecommitteerden vast.
D. Artikel 7, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: Jaarlijks voor 1 oktober stelt de Informatie Beheer Groep een centrale commissie in ter vaststelling van de in artikel 6 bedoelde opgaven, alsmede ter vaststelling van de bij die opgaven behorende beoordelingsnormen. De Informatie Beheer Groep wijst een inspecteur van het voortgezet onderwijs aan als lid van de commissie. De Informatie Beheer Groep benoemt tevens de voorzitter van de centrale commissie.
E. In artikel 7, tweede lid, wordt "Onze minister" vervangen door "de Informatie Beheer Groep".
F. Artikel 26, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: Het bevoegd gezag zendt zo spoedig mogelijk na afloop van het eindexamen, doch uiterlijk op 1 oktober, een verslag daarvan aan de Informatie Beheer Groep en aan de inspecteur.
G. Artikel 26, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: Een afschrift van dit verslag zendt het bevoegd gezag aan de voorzitter van de centrale commissie. Deze voorzitter brengt voor 1 maart verslag uit aan de Informatie Beheer Groep.
H. Artikel 26, derde lid, wordt als volgt gewijzigd: De gecommitteerde zendt zo spoedig mogelijk na afloop van het eindexamen, doch uiterlijk op 1 oktober, een verslag daarvan aan de Informatie Beheer Groep en aan de inspecteur.
I. Artikel 26, vierde lid, wordt als volgt gewijzigd: Onze minister kan voorschriften geven omtrent de wijze waarop de verslagen worden ingericht.