BWBR0007490
Geldig vanaf 1995-07-23
Artikel 1
Bijdrageregeling wateroverlast zorgsector 1995
1°. In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. bijdrage: de bijdrage, bedoeld in artikel 3;
c. schadegebied: het schadegebied, omschreven in bijlage 11De bijlagen zijn hier niet opgenomen. Ze kunnen worden ingezien bij de bibliotheek van het ministerie van VWS, Sir Winston Churchilllaan 365, 's-Gravenhage;
d. instelling: 1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
a. minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. bijdrage: de bijdrage, bedoeld in artikel 3;
c. schadegebied: het schadegebied, omschreven in bijlage 11De bijlagen zijn hier niet opgenomen. Ze kunnen worden ingezien bij de bibliotheek van het ministerie van VWS, Sir Winston Churchilllaan 365, 's-Gravenhage;
d. instelling: 1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
b. bijdrage: de bijdrage, bedoeld in artikel 3;
c. schadegebied: het schadegebied, omschreven in bijlage 11De bijlagen zijn hier niet opgenomen. Ze kunnen worden ingezien bij de bibliotheek van het ministerie van VWS, Sir Winston Churchilllaan 365, 's-Gravenhage;
d. instelling: 1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
a. minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
b. bijdrage: de bijdrage, bedoeld in artikel 3;
c. schadegebied: het schadegebied, omschreven in bijlage 11De bijlagen zijn hier niet opgenomen. Ze kunnen worden ingezien bij de bibliotheek van het ministerie van VWS, Sir Winston Churchilllaan 365, 's-Gravenhage;
d. instelling: 1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.
1°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Algemene wet bijzondere ziektenkosten;
2°. een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Ziekenfondswet;
3°. een instelling die op grond van artikel 39, derde lid, onder h, van de Wet financiering volksverzekeringen door de Ziekenfondsraad gesubsidieerd wordt;
4°. een instelling die op grond van artikel 9 van de Welzijnswet 1994 door de minister gesubsidieerd wordt;
5°. een bejaardenoord als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op de bejaardenoorden;
6°. een voorziening als bedoeld in artikel 1, onder d, van de Wet op de jeugdhulpverlening, of
7°. een kinderopvangvoorziening ten behoeve waarvan gemeenten een stimuleringsuitkering ontvingen ingevolge artikel 14 van de Welzijnswet, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van de Welzijnswet 1994.