BWBR0007428
Geldig vanaf 06-06-1995
Artikel 140
Reglement van Orde van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
1. Het lid dat schriftelijke vragen wil stellen aan één of meer ministers dient deze vragen bij de Voorzitter in. De vragen dienen kort en duidelijk geformuleerd te zijn.
2. De Voorzitter zendt de vragen aan de desbetreffende minister, tenzij bij hem wegens vorm of inhoud van de vragen daartegen overwegend bezwaar bestaat.
3. De Voorzitter brengt de doorgezonden vragen ter kennis van de leden en maakt deze openbaar.
4. Het besluit van de Voorzitter vragen al dan niet door te zenden, is geen besluit in de zin van artikel 19, eerste lid.
5. De vragen worden met de schriftelijke antwoorden opgenomen in het Aanhangsel van de Handelingen.
2. De Voorzitter zendt de vragen aan de desbetreffende minister, tenzij bij hem wegens vorm of inhoud van de vragen daartegen overwegend bezwaar bestaat.
3. De Voorzitter brengt de doorgezonden vragen ter kennis van de leden en maakt deze openbaar.
4. Het besluit van de Voorzitter vragen al dan niet door te zenden, is geen besluit in de zin van artikel 19, eerste lid.
5. De vragen worden met de schriftelijke antwoorden opgenomen in het Aanhangsel van de Handelingen.
- Citeren als
- Art. 140
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007428
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl