BWBR0007200
Geldig vanaf 1995-02-04
Artikel 2
Instellingsregeling commissie voorkoming en bestrijding van geweld in scholen
De commissie heeft tot taak het ontwerpen van:
a. een globaal actieprogramma voor drie à vier jaar om geweld in scholen te voorkomen en te bestrijden;
b. een uitgewerkt actieprogramma voor de korte termijn (1995), dat met betrekking tot het geweld in scholen meer specifiek gericht is op: 1. het nader analyseren van de situatie,
2. het doorbreken van taboes,
3. het bewustmaken van scholen inzake de problematiek,
4. het verzamelen van beschikbare informatie en het breed verspreiden daarvan,
5. het mobiliseren van tegenkrachten,
6. het ontwikkelen van praktische informatie over een passende handelwijze;
1. het nader analyseren van de situatie,
2. het doorbreken van taboes,
3. het bewustmaken van scholen inzake de problematiek,
4. het verzamelen van beschikbare informatie en het breed verspreiden daarvan,
5. het mobiliseren van tegenkrachten,
6. het ontwikkelen van praktische informatie over een passende handelwijze;
c. de beste organisatorische vorm voor de uitvoering van de actieprogramma's.
Daarbij zal het accent liggen op geweld in scholen voor voortgezet onderwijs maar geweld in scholen voor primair onderwijs wordt niet uitgesloten. Bovendien zal in de actieprogramma's niet worden volstaan met aanwijzingen voor uitsluitend de scholen zelf. Ook actoren en instellingen in de omgeving van de school en op het niveau van het (uitvoerings)beleid en het bestuur zullen worden aangesproken.
a. een globaal actieprogramma voor drie à vier jaar om geweld in scholen te voorkomen en te bestrijden;
b. een uitgewerkt actieprogramma voor de korte termijn (1995), dat met betrekking tot het geweld in scholen meer specifiek gericht is op: 1. het nader analyseren van de situatie,
2. het doorbreken van taboes,
3. het bewustmaken van scholen inzake de problematiek,
4. het verzamelen van beschikbare informatie en het breed verspreiden daarvan,
5. het mobiliseren van tegenkrachten,
6. het ontwikkelen van praktische informatie over een passende handelwijze;
1. het nader analyseren van de situatie,
2. het doorbreken van taboes,
3. het bewustmaken van scholen inzake de problematiek,
4. het verzamelen van beschikbare informatie en het breed verspreiden daarvan,
5. het mobiliseren van tegenkrachten,
6. het ontwikkelen van praktische informatie over een passende handelwijze;
c. de beste organisatorische vorm voor de uitvoering van de actieprogramma's.
Daarbij zal het accent liggen op geweld in scholen voor voortgezet onderwijs maar geweld in scholen voor primair onderwijs wordt niet uitgesloten. Bovendien zal in de actieprogramma's niet worden volstaan met aanwijzingen voor uitsluitend de scholen zelf. Ook actoren en instellingen in de omgeving van de school en op het niveau van het (uitvoerings)beleid en het bestuur zullen worden aangesproken.