BWBR0007184
Geldig vanaf 01-01-2002
Artikel 4
Vrijstellingsregeling ectoparasiticiden
1. Degene die op 31 december 1994 ingevolge de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 houder was van een toelating van ectoparasiticiden meldt vóór 1 maart 1995 aan het bureau dat voor die middelen een aanvraag overeenkomstig artikel 5 wordt ingediend.
2. Onverminderd artikel 22 van de regeling is voor het behandelen van de melding een bedrag van € 408,40 verschuldigd.
3. Bij de melding wordt gevoegd:
a. een ingevuld meldingsformulier;
b. een kopie van het toelatingsbesluit ingevolge de Bestrijdingsmiddelenwet 1962;
c. het etiket dat op 31 december 1994 is gevoerd, en
d. een betalingsbewijs van het in het tweede lid bedoelde bedrag.
4. In afwijking van artikel 5 van de regeling geldt de melding als voorlopige aanvraag.
5. Het meldingsformulier is als bijlage opgenomen.
2. Onverminderd artikel 22 van de regeling is voor het behandelen van de melding een bedrag van € 408,40 verschuldigd.
3. Bij de melding wordt gevoegd:
a. een ingevuld meldingsformulier;
b. een kopie van het toelatingsbesluit ingevolge de Bestrijdingsmiddelenwet 1962;
c. het etiket dat op 31 december 1994 is gevoerd, en
d. een betalingsbewijs van het in het tweede lid bedoelde bedrag.
4. In afwijking van artikel 5 van de regeling geldt de melding als voorlopige aanvraag.
5. Het meldingsformulier is als bijlage opgenomen.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0007184
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl