BWBR0007181
Geldig vanaf 1995-01-01
Artikel 2
Inzet hulpambulances
Aan het bepaalde in artikel 1zijn de volgende voorwaarden en beperkingen gesteld:
1. Het luchthaven- en repatriëringsvervoer vanaf de luchthavens Schiphol en Zestienhoven valt niet onder deze regeling.
2. De bemanning van de hulpambulance bestaat uit een bestuurder en een begeleider. De bemanningsleden zijn tenminste in het bezit van een geldig eenheidsdiploma EHBO.
3. Niet met een hulpambulance mogen worden vervoerd personen: met stoornissen of dreigende stoornissen van vitale functies;
die tijdens het vervoer toediening van medicijnen of zuurstof en de bewaking ervan nodig hebben;
die vervoerd worden om een klinische observatie cq. therapie te ondergaan;
die tijdens het vervoer op psychische gronden begeleiding nodig hebben.
met stoornissen of dreigende stoornissen van vitale functies;
die tijdens het vervoer toediening van medicijnen of zuurstof en de bewaking ervan nodig hebben;
die vervoerd worden om een klinische observatie cq. therapie te ondergaan;
die tijdens het vervoer op psychische gronden begeleiding nodig hebben.
4. Het vervoer door middel van een hulpambulance is door de behandelend arts bij de vervoerder aangevraagd.
5. Met betrekking tot het uitgevoerde vervoer worden op een uniform vervoersformulier tenminste de volgende gegevens vastgelegd: de naam en het adres van de arts die het vervoer heeft aangevraagd;
de datum waarop het vervoer heeft plaatsgevonden;
het ritnummer;
het kenteken van de hulpambulance waarmee het vervoer heeft plaatsgevonden;
de namen van de bemanningsleden van de hulpambulance;
het tijdstip waarop het vervoer is aangevraagd;
de aanvangstijd van het vervoer;
de eindtijd van het vervoer;
het aantal kilometers waarover het vervoer is uitgevoerd;
naam, leeftijd, adres en woonplaats van de vervoerde;
de door de behandelend arts opgegeven indicatie voor het vervoer;
verzekeringsgegevens van de vervoerde;
de plaats vanaf waar het vervoer plaatsvindt en de plaats van bestemming (lokaal/interlokaal);
eventuele bijzonderheden.
de naam en het adres van de arts die het vervoer heeft aangevraagd;
de datum waarop het vervoer heeft plaatsgevonden;
het ritnummer;
het kenteken van de hulpambulance waarmee het vervoer heeft plaatsgevonden;
de namen van de bemanningsleden van de hulpambulance;
het tijdstip waarop het vervoer is aangevraagd;
de aanvangstijd van het vervoer;
de eindtijd van het vervoer;
het aantal kilometers waarover het vervoer is uitgevoerd;
naam, leeftijd, adres en woonplaats van de vervoerde;
de door de behandelend arts opgegeven indicatie voor het vervoer;
verzekeringsgegevens van de vervoerde;
de plaats vanaf waar het vervoer plaatsvindt en de plaats van bestemming (lokaal/interlokaal);
eventuele bijzonderheden.
1. Het luchthaven- en repatriëringsvervoer vanaf de luchthavens Schiphol en Zestienhoven valt niet onder deze regeling.
2. De bemanning van de hulpambulance bestaat uit een bestuurder en een begeleider. De bemanningsleden zijn tenminste in het bezit van een geldig eenheidsdiploma EHBO.
3. Niet met een hulpambulance mogen worden vervoerd personen: met stoornissen of dreigende stoornissen van vitale functies;
die tijdens het vervoer toediening van medicijnen of zuurstof en de bewaking ervan nodig hebben;
die vervoerd worden om een klinische observatie cq. therapie te ondergaan;
die tijdens het vervoer op psychische gronden begeleiding nodig hebben.
met stoornissen of dreigende stoornissen van vitale functies;
die tijdens het vervoer toediening van medicijnen of zuurstof en de bewaking ervan nodig hebben;
die vervoerd worden om een klinische observatie cq. therapie te ondergaan;
die tijdens het vervoer op psychische gronden begeleiding nodig hebben.
4. Het vervoer door middel van een hulpambulance is door de behandelend arts bij de vervoerder aangevraagd.
5. Met betrekking tot het uitgevoerde vervoer worden op een uniform vervoersformulier tenminste de volgende gegevens vastgelegd: de naam en het adres van de arts die het vervoer heeft aangevraagd;
de datum waarop het vervoer heeft plaatsgevonden;
het ritnummer;
het kenteken van de hulpambulance waarmee het vervoer heeft plaatsgevonden;
de namen van de bemanningsleden van de hulpambulance;
het tijdstip waarop het vervoer is aangevraagd;
de aanvangstijd van het vervoer;
de eindtijd van het vervoer;
het aantal kilometers waarover het vervoer is uitgevoerd;
naam, leeftijd, adres en woonplaats van de vervoerde;
de door de behandelend arts opgegeven indicatie voor het vervoer;
verzekeringsgegevens van de vervoerde;
de plaats vanaf waar het vervoer plaatsvindt en de plaats van bestemming (lokaal/interlokaal);
eventuele bijzonderheden.
de naam en het adres van de arts die het vervoer heeft aangevraagd;
de datum waarop het vervoer heeft plaatsgevonden;
het ritnummer;
het kenteken van de hulpambulance waarmee het vervoer heeft plaatsgevonden;
de namen van de bemanningsleden van de hulpambulance;
het tijdstip waarop het vervoer is aangevraagd;
de aanvangstijd van het vervoer;
de eindtijd van het vervoer;
het aantal kilometers waarover het vervoer is uitgevoerd;
naam, leeftijd, adres en woonplaats van de vervoerde;
de door de behandelend arts opgegeven indicatie voor het vervoer;
verzekeringsgegevens van de vervoerde;
de plaats vanaf waar het vervoer plaatsvindt en de plaats van bestemming (lokaal/interlokaal);
eventuele bijzonderheden.