BWBR0006943
Geldig vanaf 1994-11-11
Artikel V
Wijzigingswet Destructiewet (in verband met E.G.-richtlijn inzake destructie)
1. Degene die bij de inwerkingtreding van deze wet een verwerkingsbedrijf uitoefent waarin laag-risico-materiaal tot ingrediënten van diervoeder of vismeel wordt verwerkt, dient binnen drie maanden na de inwerkingtreding van deze wet daartoe bij Onze Minister een vergunning aan te vragen.
2. Degene die bij de inwerkingtreding van deze wet een verwerkingsbedrijf uitoefent waarin laag-risico-materiaal wordt gebruikt voor de bereiding van voeder voor gezelschapsdieren of farmaceutische of technische produkten, dient binnen drie maanden na de inwerkingtreding van deze wet bij Onze Minister of het door hem daartoe aangewezen orgaan een verzoek om registratie in het in artikel 5, tweede lid, bedoelde register in te dienen.
3. Gedurende de in de voorgaande leden bedoelde periode, alsmede zolang op de aanvraag, onderscheidenlijk het verzoek, nog niet onherroepelijk is beschikt, worden de in de voorgaande leden bedoelde personen aangemerkt als vergunninghouder, onderscheidenlijk geregistreerde, in de zin van deze wet.
2. Degene die bij de inwerkingtreding van deze wet een verwerkingsbedrijf uitoefent waarin laag-risico-materiaal wordt gebruikt voor de bereiding van voeder voor gezelschapsdieren of farmaceutische of technische produkten, dient binnen drie maanden na de inwerkingtreding van deze wet bij Onze Minister of het door hem daartoe aangewezen orgaan een verzoek om registratie in het in artikel 5, tweede lid, bedoelde register in te dienen.
3. Gedurende de in de voorgaande leden bedoelde periode, alsmede zolang op de aanvraag, onderscheidenlijk het verzoek, nog niet onherroepelijk is beschikt, worden de in de voorgaande leden bedoelde personen aangemerkt als vergunninghouder, onderscheidenlijk geregistreerde, in de zin van deze wet.