BWBR0006699
Geldig vanaf 1994-09-01
Artikel 4
Regeling vergoeding (vice-)voorzitters, leden en (adjunct-)secretarissen
1. De voorzitters van de raden van tucht ontvangen jaarlijks een vaste vergoeding.
2. De voorzitters en de vice-voorzitters, die als voorzitter van een Kamer van een raad van tucht optreden, ontvangen daarenboven per bijgewoonde zitting drie keer de dagvergoeding met inachtneming van het bepaalde in het vierde lid.
3. De vice-voorzitters, die niet als voorzitter van een Kamer van de raad van tucht optreden, en de overige leden ontvangen per bijgewoonde zitting twee keer de dagvergoeding met inachtneming van het bepaalde in het vierde lid.
4. Indien een zitting vier uur of korter duurt, wordt de vergoeding met de helft verminderd. Bij het bepalen van de zittingsduur wordt overleg in raadkamer als onderdeel van de zitting beschouwd.
5. Indien op een zitting één of meerdere zaken tegen registeraccountants en één of meerdere zaken tegen Accountants-Administratieconsulenten worden behandeld, wordt de vergoeding per zitting naar evenredigheid van de bestede tijd verdeeld aan de zaken betreffende registeraccountants en de zaken betreffende Accountants-Administratieconsulenten. Bij het bepalen van de zittingsduur wordt overleg in raadkamer als onderdeel van de zitting beschouwd.
6. a. De vaste vergoeding bedoeld in het eerste lid bedraagt € 2 723.
b. De dagvergoeding bedoeld in het tweede en derde lid bedraagt € 308.
c. De bedragen vermeld onder a en b worden jaarlijks aangepast overeenkomstig het percentage waarmee de salarissen van rijksambtenaren worden aangepast.
2. De voorzitters en de vice-voorzitters, die als voorzitter van een Kamer van een raad van tucht optreden, ontvangen daarenboven per bijgewoonde zitting drie keer de dagvergoeding met inachtneming van het bepaalde in het vierde lid.
3. De vice-voorzitters, die niet als voorzitter van een Kamer van de raad van tucht optreden, en de overige leden ontvangen per bijgewoonde zitting twee keer de dagvergoeding met inachtneming van het bepaalde in het vierde lid.
4. Indien een zitting vier uur of korter duurt, wordt de vergoeding met de helft verminderd. Bij het bepalen van de zittingsduur wordt overleg in raadkamer als onderdeel van de zitting beschouwd.
5. Indien op een zitting één of meerdere zaken tegen registeraccountants en één of meerdere zaken tegen Accountants-Administratieconsulenten worden behandeld, wordt de vergoeding per zitting naar evenredigheid van de bestede tijd verdeeld aan de zaken betreffende registeraccountants en de zaken betreffende Accountants-Administratieconsulenten. Bij het bepalen van de zittingsduur wordt overleg in raadkamer als onderdeel van de zitting beschouwd.
6. a. De vaste vergoeding bedoeld in het eerste lid bedraagt € 2 723.
b. De dagvergoeding bedoeld in het tweede en derde lid bedraagt € 308.
c. De bedragen vermeld onder a en b worden jaarlijks aangepast overeenkomstig het percentage waarmee de salarissen van rijksambtenaren worden aangepast.