BWBR0006549
Geldig vanaf 1994-04-01
Artikel 2
Regeling vaststelling regels politiespeurhonden en politiesurveillancehonden
De Regeling politiesurveillancehondenis van overeenkomstige toepassing op het Korps landelijke politiediensten met dien verstande dat:
a. artikel 1, onder a, luidt: geleider: de ambtenaar van het Korps landelijke politiediensten die toestemming heeft van de korpschef van het Korps landelijke politiediensten om politiedienst te doen met een politiesurveillancehond;
b. in artikel 1, onder b, ‘een politieregio’ wordt vervangen door: het Korps landelijke politiediensten.
a. artikel 1, onder a, luidt: geleider: de ambtenaar van het Korps landelijke politiediensten die toestemming heeft van de korpschef van het Korps landelijke politiediensten om politiedienst te doen met een politiesurveillancehond;
b. in artikel 1, onder b, ‘een politieregio’ wordt vervangen door: het Korps landelijke politiediensten.