BWBR0006526
Geldig vanaf 1994-05-11
Artikel 18
Besluit particuliere participatiemaatschappijen
1. De betrokkene voldoet jaarlijks voor het eind van de maand waarin de participatie is verkregen, en voor het eerst in het jaar volgend op dat waarin de aanvraag tot registratie is ingediend, aan de bank een registratiepremie ten bedrage van 1 procent van de verkrijgingsprijs van de participatie.
2. De betrokkene verricht de betaling op de door de bank te bepalen wijze en vergezeld van bescheiden waaruit blijkt op welke participatie de betaling betrekking heeft.
3. De bank kan de beschikking tot registratie intrekken, indien de betrokkene niet heeft voldaan aan de verplichtingen welke ingevolge het eerste lid voor hem gelden.
4. Voor de berekening van de in het eerste lid bedoelde premie worden de bedragen, die vóór het in het eerste lid bedoelde tijdstip zijn afgelost op participaties die bestaan uit leningen niet tot de verkrijgingsprijs gerekend.
2. De betrokkene verricht de betaling op de door de bank te bepalen wijze en vergezeld van bescheiden waaruit blijkt op welke participatie de betaling betrekking heeft.
3. De bank kan de beschikking tot registratie intrekken, indien de betrokkene niet heeft voldaan aan de verplichtingen welke ingevolge het eerste lid voor hem gelden.
4. Voor de berekening van de in het eerste lid bedoelde premie worden de bedragen, die vóór het in het eerste lid bedoelde tijdstip zijn afgelost op participaties die bestaan uit leningen niet tot de verkrijgingsprijs gerekend.