BWBR0006434
Geldig vanaf 1994-01-27
Artikel 2
Regeling gegevensverstrekking draagkracht rechtzoekenden
1. De rechtzoekende vraagt de verklaring bij de burgemeester aan met het door hem ondertekende formulier waarop hij de relevante gegevens verstrekt.
2. Bij de aanvraag overlegt de rechtzoekende de meest recente, originele bewijsstukken ten aanzien van de op het formulier verstrekte gegevens. Als bewijsstukken worden onder meer aangemerkt:
a. loonstrook;
b. bewijs van betaling van een uitkering krachtens een sociale verzekerings- of voorzieningsregeling danwel krachtens een pensioenregeling;
c. ontvangstbewijzen of dagafschriften, waaruit blijkt van andere inkomsten dan inkomen als hiervoor onder a en b bedoeld;
d. dagafschrift van bank- en/of girorekening(en);
e. dagafschrift van spaarrekeningen alsmede spaarbankboekjes;
f. een door de bank afgegeven bewijs van bezit van effecten;
g. opgave van de restschuld van de hypotheek op de eigen woning;
h. aanslag onroerend-goedbelasting;
i. bewijs van betaling of ontvangst van betaalde of ontvangen alimentatie betreffende de ex-partner of kinderen;
j. bewijzen van bijdragen in de kosten van levensonderhoud ten behoeve van de ex-partner en kinderen, anders dan hiervoor onder i bedoeld;
k. bewijs van betaling van de premie van een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet, van de premie van een andere ziektekostenverzekering en van de premie, bedoeld in artikel 17 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
l. beschikking tot verhaal krachtens de Wet werk en bijstand en bewijs van betaling.
2. Bij de aanvraag overlegt de rechtzoekende de meest recente, originele bewijsstukken ten aanzien van de op het formulier verstrekte gegevens. Als bewijsstukken worden onder meer aangemerkt:
a. loonstrook;
b. bewijs van betaling van een uitkering krachtens een sociale verzekerings- of voorzieningsregeling danwel krachtens een pensioenregeling;
c. ontvangstbewijzen of dagafschriften, waaruit blijkt van andere inkomsten dan inkomen als hiervoor onder a en b bedoeld;
d. dagafschrift van bank- en/of girorekening(en);
e. dagafschrift van spaarrekeningen alsmede spaarbankboekjes;
f. een door de bank afgegeven bewijs van bezit van effecten;
g. opgave van de restschuld van de hypotheek op de eigen woning;
h. aanslag onroerend-goedbelasting;
i. bewijs van betaling of ontvangst van betaalde of ontvangen alimentatie betreffende de ex-partner of kinderen;
j. bewijzen van bijdragen in de kosten van levensonderhoud ten behoeve van de ex-partner en kinderen, anders dan hiervoor onder i bedoeld;
k. bewijs van betaling van de premie van een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet, van de premie van een andere ziektekostenverzekering en van de premie, bedoeld in artikel 17 van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;
l. beschikking tot verhaal krachtens de Wet werk en bijstand en bewijs van betaling.