BWBR0006412
Geldig vanaf 1994-04-15
Artikel 14
Aanpassingsregeling pensioenen 1992
1. Met ingang van 1 april 1992 luiden de bedragen in de artikelen 93en 94 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, zoals die artikelen luidden op 31 december 1985, als volgt:
[tabel]
2. Met ingang van 1 april 1992 luidt het in artikel 156, tweede lid, van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersgenoemde bedrag: f 27 303,-.
3. Een pensioen dat is toegekend met toepassing van artikel 38 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersbedraagt met ingang van 1 april 1992 dan wel de latere datum van ingang, uiterlijk 1 januari 1993, van het pensioen ten hoogste f 45 760,-.
4. Een pensioen dat is toegekend met toepassing van artikel 83 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersbedraagt met ingang van 1 april 1992 dan wel de latere datum van ingang, uiterlijk 1 januari 1993, van het pensioen f 2 052,- per lidmaatschapsjaar en ten hoogste f 37 313,-.
[tabel]
2. Met ingang van 1 april 1992 luidt het in artikel 156, tweede lid, van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersgenoemde bedrag: f 27 303,-.
3. Een pensioen dat is toegekend met toepassing van artikel 38 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersbedraagt met ingang van 1 april 1992 dan wel de latere datum van ingang, uiterlijk 1 januari 1993, van het pensioen ten hoogste f 45 760,-.
4. Een pensioen dat is toegekend met toepassing van artikel 83 van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragersbedraagt met ingang van 1 april 1992 dan wel de latere datum van ingang, uiterlijk 1 januari 1993, van het pensioen f 2 052,- per lidmaatschapsjaar en ten hoogste f 37 313,-.