BWBR0006233
Geldig vanaf 1993-12-03
Artikel 2
Vaststellingsregeling regionaal examenprogramma directie Noord-Nederland (Eemsmonding)
Het examenprogramma voor de modules van het regionaal examen ter verkrijging van de regionale kwalificatie voor het werkgebied van de verkeersdienst Eemsmonding bevat de volgende eisen:
a. voor de module regionale communicatieprocedures: 1º. grondige kennis van: radio- en telefonieprocedures conform vigerende regelgeving bij het verstrekken van verkeersinformatie;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
1º. grondige kennis van: radio- en telefonieprocedures conform vigerende regelgeving bij het verstrekken van verkeersinformatie;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
b. voor de module regionale nautische kennis: grondige kennis van: de hydrografische aspecten in de regio.
c. voor de module verkeersdienstenapparatuur: 1º. grondige kennis van: de in de regio gebruikte walapparatuur, informatieverwerkende systemen en randapparatuur;
2º. bedrevenheid in: het bedienen van de beeldschermen en informatieverwerkende systemen,
1º. grondige kennis van: de in de regio gebruikte walapparatuur, informatieverwerkende systemen en randapparatuur;
2º. bedrevenheid in: het bedienen van de beeldschermen en informatieverwerkende systemen,
d. voor de module regionale scheepvaartverkeersreglementering: 1º. grondige kennis van: de relevante reglementering met betrekking tot het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de uit de algemene scheepvaartverkeersreglementering voortvloeiende regelingen;
3º. kennis van: de voor de regio relevante reglementering met betrekking tot milieu en vervoer gevaarlijke stoffen;
4º. bedrevenheid in; het toepassen van de onder 1°, 2° en 3° genoemde vakken.
1º. grondige kennis van: de relevante reglementering met betrekking tot het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de uit de algemene scheepvaartverkeersreglementering voortvloeiende regelingen;
3º. kennis van: de voor de regio relevante reglementering met betrekking tot milieu en vervoer gevaarlijke stoffen;
4º. bedrevenheid in; het toepassen van de onder 1°, 2° en 3° genoemde vakken.
e. voor de module regionale topografie en geografie: 1º. grondige kennis van: de topografie van de regio;
2º. kennis van: de regionale nautische en hydrografische publikaties;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van de onder 1° en 2° genoemde vakken bij de planning en de toewijzing van ligplaatsen.
1º. grondige kennis van: de topografie van de regio;
2º. kennis van: de regionale nautische en hydrografische publikaties;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van de onder 1° en 2° genoemde vakken bij de planning en de toewijzing van ligplaatsen.
f. voor de module regionale verkeersdienst: 1º. grondige kennis van de relevante richtlijnen ter uitvoering van regelingen voor verkeersbegeleidende systemen van de IMO;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
1º. grondige kennis van de relevante richtlijnen ter uitvoering van regelingen voor verkeersbegeleidende systemen van de IMO;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
g. voor de module regionale organisatie van de verkeersafwikkeling: 1º. grondige kennis van: de relevante instanties, bedrijven en organisaties die betrokken zijn bij de afwikkeling van het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de procedure met betrekking tot de verkeersafwikkeling;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 2° genoemde vak.
1º. grondige kennis van: de relevante instanties, bedrijven en organisaties die betrokken zijn bij de afwikkeling van het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de procedure met betrekking tot de verkeersafwikkeling;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 2° genoemde vak.
a. voor de module regionale communicatieprocedures: 1º. grondige kennis van: radio- en telefonieprocedures conform vigerende regelgeving bij het verstrekken van verkeersinformatie;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
1º. grondige kennis van: radio- en telefonieprocedures conform vigerende regelgeving bij het verstrekken van verkeersinformatie;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
b. voor de module regionale nautische kennis: grondige kennis van: de hydrografische aspecten in de regio.
c. voor de module verkeersdienstenapparatuur: 1º. grondige kennis van: de in de regio gebruikte walapparatuur, informatieverwerkende systemen en randapparatuur;
2º. bedrevenheid in: het bedienen van de beeldschermen en informatieverwerkende systemen,
1º. grondige kennis van: de in de regio gebruikte walapparatuur, informatieverwerkende systemen en randapparatuur;
2º. bedrevenheid in: het bedienen van de beeldschermen en informatieverwerkende systemen,
d. voor de module regionale scheepvaartverkeersreglementering: 1º. grondige kennis van: de relevante reglementering met betrekking tot het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de uit de algemene scheepvaartverkeersreglementering voortvloeiende regelingen;
3º. kennis van: de voor de regio relevante reglementering met betrekking tot milieu en vervoer gevaarlijke stoffen;
4º. bedrevenheid in; het toepassen van de onder 1°, 2° en 3° genoemde vakken.
1º. grondige kennis van: de relevante reglementering met betrekking tot het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de uit de algemene scheepvaartverkeersreglementering voortvloeiende regelingen;
3º. kennis van: de voor de regio relevante reglementering met betrekking tot milieu en vervoer gevaarlijke stoffen;
4º. bedrevenheid in; het toepassen van de onder 1°, 2° en 3° genoemde vakken.
e. voor de module regionale topografie en geografie: 1º. grondige kennis van: de topografie van de regio;
2º. kennis van: de regionale nautische en hydrografische publikaties;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van de onder 1° en 2° genoemde vakken bij de planning en de toewijzing van ligplaatsen.
1º. grondige kennis van: de topografie van de regio;
2º. kennis van: de regionale nautische en hydrografische publikaties;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van de onder 1° en 2° genoemde vakken bij de planning en de toewijzing van ligplaatsen.
f. voor de module regionale verkeersdienst: 1º. grondige kennis van de relevante richtlijnen ter uitvoering van regelingen voor verkeersbegeleidende systemen van de IMO;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
1º. grondige kennis van de relevante richtlijnen ter uitvoering van regelingen voor verkeersbegeleidende systemen van de IMO;
2º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 1° genoemde vak.
g. voor de module regionale organisatie van de verkeersafwikkeling: 1º. grondige kennis van: de relevante instanties, bedrijven en organisaties die betrokken zijn bij de afwikkeling van het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de procedure met betrekking tot de verkeersafwikkeling;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 2° genoemde vak.
1º. grondige kennis van: de relevante instanties, bedrijven en organisaties die betrokken zijn bij de afwikkeling van het scheepvaartverkeer;
2º. grondige kennis van: de procedure met betrekking tot de verkeersafwikkeling;
3º. bedrevenheid in: het toepassen van het onder 2° genoemde vak.