BWBR0006181
Geldig vanaf 1993-12-01
Artikel 2
Instelling Commissie Overleg en Voorlichting Milieuhygiëne Marinevliegkamp De Kooy
1. In de Commissie hebben zitting:
a. een lid, tevens voorzitter, aan te wijzen door Gedeputeerde Staten van Noord-Holland;
b. een lid, aan te wijzen door de Staatssecretaris van Defensie, dat is belast met marinevoorlichting;
c. de commandant van Marinevliegkamp De Kooy, of een door hem aan te wijzen vertegenwoordiger;
d. de inspecteur van het Inspectoraat-generaal VROM in de regio binnen wiens ambtsgebied het luchtvaartterrein is gelegen, of een door hem aan te wijzen vertegenwoordiger;
e. een vertegenwoordiger van de het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;
f. twee leden aan te wijzen door ieder college van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten Anna Paulowna en Den Helder.
g. twee vertegenwoordigers van de Den Helder Airport C.V. aan te wijzen door het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Den Helder van wie tenminste een kan worden aangemerkt als gebruiker van luchtvaartuigen welke geregeld op het luchtvaartterrein landen;
h. één vertegenwoordiger van rechtspersoonlijkheid bezittende milieuorganisaties;
i. één vertegenwoordiger van de verkeersleidingsdienst.
2. Elk van de in het eerste lid onder f genoemde colleges ziet er op toe dat tenminste één van de hen vertegenwoordigende leden kan worden beschouwd als vertegenwoordiger van de omwonenden van het luchtvaartterrein. Als omwonenden worden beschouwd diegenen die wonen binnen de grens van 35 Kosteneenheden.
a. een lid, tevens voorzitter, aan te wijzen door Gedeputeerde Staten van Noord-Holland;
b. een lid, aan te wijzen door de Staatssecretaris van Defensie, dat is belast met marinevoorlichting;
c. de commandant van Marinevliegkamp De Kooy, of een door hem aan te wijzen vertegenwoordiger;
d. de inspecteur van het Inspectoraat-generaal VROM in de regio binnen wiens ambtsgebied het luchtvaartterrein is gelegen, of een door hem aan te wijzen vertegenwoordiger;
e. een vertegenwoordiger van de het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;
f. twee leden aan te wijzen door ieder college van Burgemeester en Wethouders van de gemeenten Anna Paulowna en Den Helder.
g. twee vertegenwoordigers van de Den Helder Airport C.V. aan te wijzen door het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Den Helder van wie tenminste een kan worden aangemerkt als gebruiker van luchtvaartuigen welke geregeld op het luchtvaartterrein landen;
h. één vertegenwoordiger van rechtspersoonlijkheid bezittende milieuorganisaties;
i. één vertegenwoordiger van de verkeersleidingsdienst.
2. Elk van de in het eerste lid onder f genoemde colleges ziet er op toe dat tenminste één van de hen vertegenwoordigende leden kan worden beschouwd als vertegenwoordiger van de omwonenden van het luchtvaartterrein. Als omwonenden worden beschouwd diegenen die wonen binnen de grens van 35 Kosteneenheden.