BWBR0006097
Geldig vanaf 1993-09-08
Artikel 8
Warenwetbesluit Koffie en cichorei
De in artikel 3, eerste en tweede lid, bedoelde waar moet voldoen aan de volgende eisen:
a. het watergehalte mag in koffie niet meer dan 5% en in gemalen koffie niet meer dan 8,0% bedragen;
b. het gehalte van in water oplosbaar extract moet ten minste 22,0% van de droge stof bedragen;
c. het gehalte aan verontreinigingen (schillen, huidjes) mag niet meer dan 1,0% bedragen;
d. het asgehalte mag niet meer dan 6,0% bedragen;
e. het chloridegehalte van de as mag niet meer dan 1,0%, uitgedrukt als chloor (CL), bedragen;
f. als glansmiddel mogen in koffie aanwezig zijn uitsluitend suikers, en de glansmiddelen die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden;
g. indien glansmiddelen zijn gebruikt, mag het gehalte van met alcohol, ether of water afwasbare en daarin oplosbare stoffen niet meer dan 1,0% bedragen, met dien verstande dat, indien tevens artikel 5, derde lid, van toepassing is, de hoeveelheid van met alcohol, ether of water afwasbare en daarin oplosbare stoffen ten hoogste 3,0% mag bedragen.
a. het watergehalte mag in koffie niet meer dan 5% en in gemalen koffie niet meer dan 8,0% bedragen;
b. het gehalte van in water oplosbaar extract moet ten minste 22,0% van de droge stof bedragen;
c. het gehalte aan verontreinigingen (schillen, huidjes) mag niet meer dan 1,0% bedragen;
d. het asgehalte mag niet meer dan 6,0% bedragen;
e. het chloridegehalte van de as mag niet meer dan 1,0%, uitgedrukt als chloor (CL), bedragen;
f. als glansmiddel mogen in koffie aanwezig zijn uitsluitend suikers, en de glansmiddelen die ter zake zijn toegelaten krachtens het Warenwetbesluit Levensmiddelenadditieven onder de daarbij vermelde voorwaarden;
g. indien glansmiddelen zijn gebruikt, mag het gehalte van met alcohol, ether of water afwasbare en daarin oplosbare stoffen niet meer dan 1,0% bedragen, met dien verstande dat, indien tevens artikel 5, derde lid, van toepassing is, de hoeveelheid van met alcohol, ether of water afwasbare en daarin oplosbare stoffen ten hoogste 3,0% mag bedragen.