BWBR0006058
Geldig vanaf 1997-09-23
Artikel 3
Besluit rijkssubsidiëring historische buitenplaatsen
1. Onze minister kan een eigenaar subsidie verstrekken in de kosten van een naar het oordeel van Onze Minister sober en doelmatig uitgevoerde restauratie van zaken die compositorisch of functioneel deel uitmaken van de tuin of het park van de beschermde historische buitenplaats, en die in het register, bedoeld in artikel 6 van de Monumentenwet 1988, zijn vermeld.
2. Subsidie wordt slechts verstrekt indien de restauratie, bedoeld in het eerste lid, bijdraagt aan het beheer van de beschermde historische buitenplaats, dat gericht is op het behoud van de cultuurhistorische- en natuurwetenschappelijke waarden en van het natuurschoon.
3. Onze minister verstrekt geen subsidie dan na overleg met Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
4. Onze minister verstrekt geen subsidie dan nadat hij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de desbetreffende beschermde historische buitenplaats is gelegen, en indien de gemeente, niet een budgethoudende gemeente, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit rijkssubsidiëring restauratie monumenten 1997is of indien de gemeente een budgethoudende gemeente is die ingevolge artikel 13 van dat besluitbij het vaststellen van het provinciaal restauratieuitvoeringsprogramma wordt betrokken, gedeputeerde staten in de gelegenheid heeft gesteld hun zienswijze naar voren te brengen.
2. Subsidie wordt slechts verstrekt indien de restauratie, bedoeld in het eerste lid, bijdraagt aan het beheer van de beschermde historische buitenplaats, dat gericht is op het behoud van de cultuurhistorische- en natuurwetenschappelijke waarden en van het natuurschoon.
3. Onze minister verstrekt geen subsidie dan na overleg met Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
4. Onze minister verstrekt geen subsidie dan nadat hij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de desbetreffende beschermde historische buitenplaats is gelegen, en indien de gemeente, niet een budgethoudende gemeente, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, van het Besluit rijkssubsidiëring restauratie monumenten 1997is of indien de gemeente een budgethoudende gemeente is die ingevolge artikel 13 van dat besluitbij het vaststellen van het provinciaal restauratieuitvoeringsprogramma wordt betrokken, gedeputeerde staten in de gelegenheid heeft gesteld hun zienswijze naar voren te brengen.