BWBR0006034
Geldig vanaf 1993-07-14
Artikel 4
Interimbesluit ziektekosten burgerlijke ambtenaren defensie
1. De ambtenaar ontvangt voor zichzelf geen tegemoetkoming over een kalendermaand, waarin hij gedurende meer dan de helft van het aantal dagen behoort tot een van de volgende categorieën:
a. degenen die zelfstandig verplicht verzekerd zijn krachtens de Ziekenfondswet;
b. degenen die medeverzekerd zijn ingevolge het bepaalde in artikel 4 van de Ziekenfondswet;
c. degenen die uit hoofde van hun (voormalige) dienstbetrekking aanspraak hebben op gehele of gedeeltelijke geneeskundige verzorging of op gehele of gedeeltelijke vergoeding van de kosten daarvan;
d. degenen die uit hun dienstbetrekking geen bezoldiging genieten.
2. De ambtenaar ontvangt over een kalendermaand waarin hij gedurende meer dan de helft van het aantal dagen behoort tot de in het eerste lid, onderdeel d, genoemde categorie, geen tegemoetkoming voor een gezinslid.
3. De ambtenaar ontvangt evenmin een tegemoetkoming voor het gezinslid dat tot een van de in het eerste lid genoemde categorieën behoort, dan wel uit anderen hoofde aanspraak heeft op gehele of gedeeltelijke geneeskundige verzorging, of op gehele of gedeeltelijke vergoeding van de kosten daarvan.
4. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel d, en het tweede lid behoudt de ambtenaar die zich in werkelijke militaire dienst bevindt zijn aanspraken voor hem en zijn gezinsleden bedoeld in artikel 3.
a. degenen die zelfstandig verplicht verzekerd zijn krachtens de Ziekenfondswet;
b. degenen die medeverzekerd zijn ingevolge het bepaalde in artikel 4 van de Ziekenfondswet;
c. degenen die uit hoofde van hun (voormalige) dienstbetrekking aanspraak hebben op gehele of gedeeltelijke geneeskundige verzorging of op gehele of gedeeltelijke vergoeding van de kosten daarvan;
d. degenen die uit hun dienstbetrekking geen bezoldiging genieten.
2. De ambtenaar ontvangt over een kalendermaand waarin hij gedurende meer dan de helft van het aantal dagen behoort tot de in het eerste lid, onderdeel d, genoemde categorie, geen tegemoetkoming voor een gezinslid.
3. De ambtenaar ontvangt evenmin een tegemoetkoming voor het gezinslid dat tot een van de in het eerste lid genoemde categorieën behoort, dan wel uit anderen hoofde aanspraak heeft op gehele of gedeeltelijke geneeskundige verzorging, of op gehele of gedeeltelijke vergoeding van de kosten daarvan.
4. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onderdeel d, en het tweede lid behoudt de ambtenaar die zich in werkelijke militaire dienst bevindt zijn aanspraken voor hem en zijn gezinsleden bedoeld in artikel 3.