Artikel 1
Indien het aantal vormingsuren daalt beneden het aantal, genoemd in artikel I-Q704, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit onderwijspersoneel, zoals dat luidde op 31 juli 1992, kan de directeur van het vormingsinstituut, die is benoemd met een betrekkingsomvang die groter is dan een halve normbetrekking, in dienst blijven met de betrekkingsomvang die hij op dat moment heeft. In het deel van zijn betrekkingsomvang dat meer bedraagt dan een halve normbetrekking dient hij werkzaamheden te verrichten als vormingsleider, voorzover die werkzaamheden niet zijn opgedragen aan in vaste dienst benoemde vormingsleiders.